GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

Leestafel.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Leestafel.

8 minuten leestijd Arcering uitzetten

MR. D. P. D. FABIUS, DR. MR. WILLEM VAN DEN BERGH. Drukkerij Wed. G. van Soest, Amsterdam 1930.

Op aanstichting van den heer G. VAN ZEGGELEN, hoofd der ' Christelijke School te RANSDORP, wiens boekje: WAT GOD DEED MET ZIJN KERK TE VOORTHUIZEN vroeger door mij hier is besproken, is dit jaar te VOORTHUIZEN, waar DR. VAN DEN BERGH van 1884—1890 predikant is geweest, een tentoonstelling gehouden van allerlei wat op diens leven en werken betrekking had.

PROF. FABIUS, vriend en geestverwant van VAN DEN BERGH, sedert 1868, toen zij beiden in LEIDEN studeerden, niet hem bekend en die ook te MONTREUX in 1890, bij zijn sterfbed had gestaan, heeft, daartoe aangezocht, op den Sen April te VOORTHUIZEN de VAN DEN BERGHtentoonstelling geopend.

De toespraak bij de gelegenheid gehouden, aangevuld door tal van citaten uit 600 brieven en briefkaarten, door VAN DEN BERGH, gedurende een tijdperk van 18 jaar, aan FABIUS gezonden en in diens Archief bewaard, is daardoor uitgedijd tot een gechrift dat, in druk vastgelegd, niet minder dan 80 bladzijden beslaat.

«Ik zou geen kans zien te zeggen tot welk genre dit geschrift, zooals 't hier voor mij ligt, behoort.

'n „Toespraak" of 'n „Openingswoord" voor een tentoonstelling is het zeker niet, maar een „Persoonsbeschrijving" is het ook niet, want zoo'n Prosopographie bedoelt, zooals de geachte schrijver terecht zegt, „een volledig beeld te geven en mag daarom de schaduwzijden niet geheel voorbijgaan". Maar al is het dan ook noch 'n „Openmgswoord" van de VAN DEN BERGH tentoonstelling noch 'n „Persoonsbeschrijving" van VAN DEN BERGH wat MR. FABIUS hier biedt, toch mogen wij, Gereformeerden, hem dankbaar zijn, dat hij met zijn piëteit-vol herdenken van wat hij van zijn vriend uit diens woord en schrift en daad had waargenomen, ons VAN DEN BERGH nader heeft gebracht. En wie zou dat beter hebben gekund dan hij, aan wien deze eens schreef: „Gij.... zijt toch een de weinigen, misschien" slechts de eenige die mi goed kende, , al ligt er ook in mijn verleden en gedachtenwereld nog zooveel zondigs verborgen, waarvan ik mij zelf niet altijd genoeg bewust ben". Ook-mij is nu VAN DEN BERGH met dit, , , zonder gebreken te vermelden", piëteit-vol herdenken nader gebracht dan zooals bij voor mij stond met name in de dagen der DOLEANTIE, toen, aan de voorstelling, die ik van hem had, zich voor mij de gedachte verbond, — variatie op wat PROF. A. PIERSON schreef in zijn ISRAËL, omtrent EZECHIËL, — „Indien dit Calvinisme heiligen had, zou he een waskaars ontsteken voor WILLEM VAN DEN BERGH". Ik herinner mij nog het gevoel van beklemming dat ik had toen ik ' eens te VOORTHUIZEN voor hém preekte.

Aan > overzichtelij kheidc zou dit geschrift hebben gewonnen, wanneer de schrijver zijn herinneringen meer naar tijd en plaats had geordend. Wat echter niet verhinderd heeft, dat ik na herlezing mocht deelen in de weemoedige maar ook heerlijke genieting, die de auteur bij zijn gedenken ondervond, »van een zee va licht, een leven uit Gods Woord, zalige geloofservaring, innige teederheid van wandel, rijke uitstraling van een in warme liefde velen om­ . vattend hart«. 'n Betrekkelijk kort leven, geboren in 1850 en gestorven in 1890, is DR. VAN DER BERGH slechts 40 .jaar geworden. Maar een leven van »overweldigenden rijkdomc. »Ook — en niet minder — geldt dit van den korten tijd, dien hij in het herdersambt verkeeren mocht*. Het aanvaarden van het > herdersambtc dunkt mij dan ook een epoche in VAN DEN BERGH'S leven, waarmee ik bij het overzicht van PROF. FABIUS' geschrift rekenen kan.

Ik laat er aan voorafgaan die periode welke VAN DEN BERGH zelf »de receptieve* noemde. In FABIUS' geschrift begint zij met het jaar 1868 als WILLEM VAN DEN BERGH te LEIDEN student in de Rechten wordt; eerst later toch wordt hij student in de Theologie. Hij laat er ide werkpaardjes draven*, en ileefde er gansch. ingetogen; was van stonde aan bekend als va positief-chiistelijke levensovertuiging en antirevolutionaire gezindheid*. Onder zijn medestudenten is hij »door velen gezocht*; »door ieder geacht*; »zelfs wie losbandig leefde voelde voor dezen Student ontzag*. > Bij groote mate van teederheid tegenover den zondaar*, trad hij, ook in het openbaar en dat > met bijzonder betoon van tact*, tegen de zonden op, die toen j in de studentenwereld heerschte. In verband hiermede wordt herinnerd aan de drie novellen, die hij in de Leidsche Studenten-Almanakken schreef, ETIENNE tegen het kaartspel en DONKERE MARY en MARIE, LA REINE DU BAL tégen de ontucht. Na zijn doctoraat in de Rechten en dat in de Theologie verlaat hij ^LEIDEN in 1875, waarmede dan de eerste onderperiode van he *receptieve tijdvak* in zijn leven afsluit.

De tweede onder-periode loopt van 187 tot 1879.

Hoewel nog niet gepromoveerd, treedt hij reeds op in het publieke leven.

Voor het toenmalig Corps der medischemilitaire Studenten: MAVORS MEDICATOE, te AMSTERDAM, spreekt hij over de prostitutie. Te 's Gravenhage, waar hij toen woonde, doet hij mee aan het oprichten van een anti-revolutionaire kiesvereeniging. Met DR. A. KUYPER bekend geworden, schrijft hij, wanneer deze in '76 wegens ernstige krankheid in het Zuiden van FRANKRIJK vertoeft en de hoofdredactie van DE STANDAARD voornamelijk door JHR.. MR.DE SAVORNIN LOHMAN verzorgd wordt, evenals FABIUS artikelen in dit dagblad. Zijn vriend FABIUS, sedert '72 met GROEN VAN PRINSTERER bekend, introduceert hem in diens woning op den Vijverberg. Zondag 21 Mei '76 staan ze bij Groen's doodsbed. Met MR. A. W. VAN BEECK CALKOEN en Jj3R. MR. H. M. J. VAN ASCH VAN WIJCK volgen zij, in het rijtuig van VAN DEN BERGH'S Vader, den lijkstoet. Ook het gebied der binnenlandsche Zending trekt zijn aandacht en hij houdt Bijbellezingen en werkt op Zondagscholen. Als DR. KUYPER, weer hersteld, terug is, spreekt hij met dezen veel. Diens > naar frischheid en kloekheid dorstende ziel*, wordt hoog door hem gewaardeerd, 'n Belangrijke plaats in deze »receptieve« periode komt ook toe aan een reis, in '76 ondernomen, naar DUITSCHLAND, waarvan MR. FABIUS uitvoerig verhaalt en waar de jeugdige VAN DEN BERGH ontmoetingen had met vooraanstaande mannen op het gebied der wetenschap, der politiek en der philanthropic. Inmiddels met Ds. HELDRING bekend geworden, inviteert diens opvolger. Ds. H. PIERSON, hem naar ZETTEN te komen waar hij dan van 78—79 woont. Prof. FABIUS heeft daar zes maanden met hem gewoond. Zij werkten er aan hun dissertatie. Met een over: DE STRIJD TEGEN DE PROSTITUTIE IN NEDERLAND behaalde hij den 29sten Juni 1878 > summa cum laude* den graad van Juris utriusque Doctor, en den 30sten September van 1879, «summa cum laude*, met een over CALvijN EN HET GENADEVEBBOND den graad Doctor-Theologiae. Daarmee is de «receptieve*, de eerste hqofdperiode in VAN DEN BERGH'S leven afgesloten.

Heeft de eerste elf, de tweede waarin DR. VAN DEN BERGH vóór alles predikant is, heeft 10 jaar geduurd.

Ook hier weer twee onder-perioden.

De eerste loopt van 1879—-1884.

VAN DEN BERGH is dan predikant te SCHAARS-BEBGEN, waar hij, na met MEJ. PIERSON te zijn getrouwd en op 15 Oct. '79 door zijn schoonvader Ds. H. PIERSON te zijn bevestigd, op dienzelfden Zondag met een preek uit Ezechiël 33 : 10 en 11 het herdersambt aanvaardt. Prof. FABIUS doet hier uitkomen, dat en hoe den bijkans 30-jarige, de heiligheid van het ambt zwaar woog en hij juist daarom »de valsche hoogheid van den predikant, weerstond"; dat hij »een grondigen afkeer had van zoogenaamde motto-preek*; toont aan enkele voorbeelden »de diepe opvatting die zijn prediking kenmerkte* en deelt iets mede omtrent zijn wijze van preeken. Ook laat hij niet onvermeld, dat de Pastor van SCHAARSBERGEN zorgde, dat er een Christelijke School op het dorp kwam en vertelt dan van de wederzijdsche sympathie tusschen DR. VAN DEN BERSH en de VRIJE UNIVERSITEIT. Na in de vijf jaren van tzijn dienst te SCHAARS­ BERGEN door meer dan 30 Kerken, waaronder van de meest omvangrijke, te zijn geroepen, volgde hij de roeping van VOORTHUIZEN op. Daarmede sluit de eerste onder-periode van het predikants-leven van DR. VAN BEEGH.

De tweede begint dan op 12 Oct. 1884 als DR. VAN DER BERGH, met een preek uit Ps. 51 : 19b en 20, te Voorthuizen de bediening aanvaardt.

«Ia zijn volle kracht*, zoo schrijft PROF. j FABIUS op een der eerste bladzijden, «is hij te VOORTHUIZEN geweest. En in die volle kracht zien wij hem dan optreden, ook in den kerkelijken strijd. Het zijn de dagen der DOLEANTIE. Ook in verband met het overlijden zijner echtgenoote op 8 Febr. '84 voelde hij zich, zooals ons hier wordt herinnerd, «nauwer aan de bruid van Christus door ons zoo lijdend, en is Ps. 51:20 zijn bede*. Reeds op den 5en Febn van 1885 kwam het tot losmaking der Kerk van Voorthuizen uit de synodale banden en straks zette VAN DER BEKGH het werk der vrijmaking ook t op andere plaatsen van de Veluwe voort. Het trot mij ook hier te lezen, dat hij niet in die vrijmaking de Reformatie, maar slechts het mogelijk worden der Reformatie zag.

Aan het einde van deze periode, in 1889 valt ook DR. VAN DER BERGH'S benoeming tot hoogleeraar in de «praktische vakken* der Theologie aan de VRIJE UNIVERSITEIT, vakken in wier onderwijs hij reeds, vroeger als Curator, tijdelijk had voorzien. «Maar*, schrijft MR. FABIUS, sober en droef, «voor hij dien leerstoel had beklommen, nam de Heere hem weg*.«

Tot de bladzijden waarvan in deze monographic op mij de grootste bekoring is uitgegaan, behooren die laatste waarop de schrijver ons van het geestelijk leven van zijn Intimus verhaalt.

Moge dit geschrift, naar den wensch van zijn opsteller, ons biddend doen overdenken, wat de Heere met hem, die het ons doet gedenken, te zeggen heeft.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 3 oktober 1920

De Heraut | 4 Pagina's

Leestafel.

Bekijk de hele uitgave van zondag 3 oktober 1920

De Heraut | 4 Pagina's