Van de Voleining.
LXXXVIII. DERDE REEKS. XXV. Zij zullen niet tevergeefs arbeiden, noch baren ter verstoring; want zij zijn het zaad der gezegenden des HEEREN, en hunne cakomelicgen met hen, Jesaja 6 ...
Van de Voleinding.
CXI. VIERDE REEKS. XII. Op U ben ik geworpen van de baarmoeder af; van den buik mijner moeder aan zijt Gij mijn God. Ps. 22 : 11. Wordt aan de plant in de Heilige Schrif ...
Van de Voleinding.
CXII. VIERDE REEKS. XIII. Want als de kinderen nog niet geboren waren, noch iets goeds of kwaads gedaan hadden, opdat het voornemen Gods, dat naar de verkiezing is, vast bleve, niet ...
Van de Voleinding.
CXIII. VIERDE REEKS. XIV. En heeft uit éénen bloede het gansche geslïSht der menschen gemaakt, om OD df n. geheelen aardbodem te ^voneI^ bescheiden hebbende de tijden tevoren geordi ...
„Onze Koning is van den Heilige Israels”.
[KE R S T F E E S T 1913]. Want ons schild is van den HEERE, en onze koning is van den Heilige Israels. Psalm 89 : 19. Onder alle hooge Jubeldagen gold het Kerstfeest van oudsher steeds als het rijkste. Meer nog dan in de Paaschvreug ...
„Zij lacht om den toekomenden dag“.
[NIEUWJAAR 1914]. Sterkte en heerlijkheid zijn hare kleeding; en zij lacht over den nakomenden dag. Spreuken 31 : 25. Ook als Nieuwjaar aan den gezichtseinder daagt, kan er drieërlei lachen zijn om den toekomenden dag. Het lachen van ...
„Om te doen gedenken”.
[OUDEJAAR 19 13]. Een psalm van David, om te doen gedenken. Psalm 38 : 1. Op den avond van Oudejaar doorleven we nogmaals in groote trekken het rijke jaar levens dat verliep en nu achter ons ligt; doch nu niet meer in de werkelijkhei ...
Voor de Voleinding
cxx. VIERDE REEKS. XXI. En zij voeren neder, zij en alles wat hunner was, levend ter helle; en de aarde overdekte ze, en zij kwamen om uit het midden der gemeente. Num. 16 : 33. ...
„Ontmuring des muurs”.
Want het is een dag van beroering, en van vertreding, en van verwarring van den Heere, den HEERE der heirscharen, in het dal des gezichts; een dag van ontmuring des muurs, en van geschreeuw naar het gebergte toe. Jes. 22 : 5. Op hoogen toon weerklonk van Jesaia's h ...
„Des berouwens moede”.
Gij hebt Mij verlaten, spreekt de HEERE, gij zijt achterwaarts gegaan; daarom aal Ik mijne hand tegen u uitstrekken en u verderven; Ik ben des berouwens moede geworden. Jeremia 15 : 6. Meer dan eens spreekt de Schrift van berouw in God. 'Vanzelf is dit steeds in ov ...