„Heere, leer ons bidden”.
En het geschiedde, toen hij in eene zekere plaatse was biddende, als hij ophield, dat een van zijne discipelen tot hem zeide: Heere, leer ons bidden, gelijk ook Johannes zijnen discipelen geleerd heeft Lucas II : I Als uw zielsstemming zuiver was, zoudt ge u nooit ...
Van de tien geboden.
LXXXIX. HET ZESDE GEBOD. V. Maar gg, o mensch Godsl vlied deze dingen; en jaag na gerechtigheid, godzaligheid, ge loof, liefde, lijdzaamheid, zachtmoedigheid. I Timothëus 6:11, Van ons onderzoek ...
„Bij het suizen eener zachte stilte”.
En na de aardbeving een vuur; de HEERE was in het vuur niet; en na het vuur het suizen van een zachte stilte. I Kon. 19 : 12. Het „nabij God te zijn" is niet bij ieder eender, maar, evenals alles wat het intiemste van ons leven raakt, bij den „een aldus, en bij den ...
Van de tien geboden.
LXXXV. HET ZESDE GEBOD. I. Gij zult niet doodslaan. Exodus 20:13. Het zesde gebod luidt naar Exodus 20:13 en evenzoo naar Deuteronomium 5 : 17: ij zult niet doodslaan. ...
Van de tien geboden.
LXXXVII. HET ZESDE GEBOD. III. Doe uzelveii geen kwaad. Handelingen 16:28. In dit en het volgende artikel hebben wij de schaduw tegen over het licht.Wat God ons i ...
„Niet één lid, maar vele leden”.
Want ook het lichaam is niet één lid, maar vele leden. I Corinthe 12 : 14. De zee, de stroom, de berg, of wat machtig verschijnsel uit de onbewerktuigde natuur ge ook nemen wilt, ge kunt 't „een lid" noemen, maar het is geen „lichaam; " de mier, de bij, de kapel, o ...
„Opbaren baat hij teboren was”.
[HEMELVAART.] Wat zoude het dan zijn, zoo gij den Zoon des menschen zaagt opvaren, waar hij tevoren was? Joh. VI : 62. Voor Jezus was het opvaren ten hemel een terugkeeren naar die onzienlijke wereld, waarin Hij van te voren was, en ...
Pro Kege.
XVIII. Tot het geheel doorzuurd was. Matthéus 13:33. Tweeërlei werd alzoo erkend:10, dat het wonder ia de dagen van Jezus en van zijn apostelen een beteekenis had, die na de voltooiing der Openbaring wegviel; en 20. dat daarom nieman ...
„Diezelbe geest getuigt met onzen Geest”.
Diezelve Geest getuigt met onzen geest. Rom. VIII : i6. Er is een geleid worden door den Heiligen Geest, waarvan men zelf niets merkt. Er is een ander geleid worden docr den Heiligen Geest, waarvan men eerst later iets besj)eurt. Er is een geleid worden door den He ...
„Deelende aan een iegelijk gelijkerwijs Nij wil”
[PINKSTEREN.] Doch deze dingen alle werkt de ééne en dezelfde Geest, deelende aan een iegelijk in bet bijzonder gelijkerwijs hij wil. I Cor. 12 : II Weer brak ons Pinksteren aan, de gedenkdag des Geestes, die de jaarrij onzer heilige ...