De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 21
15gebied der rechtsvorming. Dit geschiedde onder invloed van een irratio-' nalistische en universalistische wending van het Humanistisch vrijheidsmotief, zoals die zich wijsgerig in het na-Kantiaanse vrijheidsidealisme (met name in SCHELLING'S transcendentaal idealisme) uitwerkte. De Human ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 22
i6 duele binnen individueel-historische samenhangen gericht was, in plaats van op het ontdekken van algemene wetten. Tegenover het rationalistisch geloof, dat men de staats- en rechtsorde naar een onveranderlijk natuurrechtelijk model kon construeren, dat los van het historisch verleden voor alle ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 23
17Wanneer deze gedachtengang consequent werd gevolgd, dan moest het traditionele souvereiniteitsbegrip, dat sinds BODIN uitsluitend op de staat was betrokken, als noodzakelijk element in de definitie van het positieve recht vervallen. Intussen waren de beide leiders van de romanistische vl ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 24
i8daaruit de destructieve consequenties voor het volkenrecht te trekken Yolkenrecht kan volgens hem niet bestaan. Slechts van een volkerenmoraal mag worden gesproken, een consequentie, die ook sommige natuurrechtsleraars als SPINOZA en HOBBES uit het souvereiniteitsbegrip hadden getrokken ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 25
19haar intrede in de Historische School. Zo zette zich — ondanks alle principële strijd tegen de natuurrechtsleer — de natuurrechtelijke traditie in de dogmatische rechtswetenschap onder de Romanisten voort. Eerst de Germanistische vleugel der Historische School onder leiding van zijn beid ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 26
20Maar GIERKE wilde de aan de Romeinse imperiumidee georiënteerde conceptie van de bureaucratische overheidsstaat, die in BODIN'S vereenzelviging van de res publica met de overheid tot praegnante openbaring kwam, vervangen door een organische staatsleer, waarin de overheid als wezenlijk or ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 27
21De hier voorgedragen leer der staatssouvereiniteit betekende tegenover het traditionele, op BODIN teruggaande souvereiniteitsbegrip in een bepaald opzicht inderdaad een vooruitgang en zij stond in vele opzichten boven de concepties van GERBER, LABAND en JELLINEK, die gewoonlijk als de ty ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 28
22Van een door GIERKE in ALTHUSIUS' opvatting gelegde theorie der volkssouvereiniteit in de zin der Humanistische natuurrechtsleer is hier dus geen sprake. En ook de natuurrechtelijke verdragsconstructie, waarvan ALTHUSIUS zich voor de juridische constituering van de staat en de overige ve ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 29
23— GIERKE verwerpt uitdrukkelijk de opvatting van dit laatste als gebod van de souverein — dan moet noodzakelijk de vraag rijzen, welke rol het dan nog zou kunnen vervullen in de definitie van de staat. GIERKE hield zelf nog vast aan Boom's opvatting, dat de souvereiniteit als een wezensk ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 30
24natuurrechtelijke tot een historische categorie geworden. Want gelijk ik in mijn Wijsbegeerte der Wetsidee bij de behandeling van de algemene theorie der wetskringen heb aangetoond, is de macht of beheersing het kernmoment in de modale structuur van het historisch aspect der werkelijkhei ...