Studentenalmanak 1928 - pagina 151
AESTHETIEK. EEN BEDERF DES LEVENS Hlvervolgt den bewusten dader als een spook, met verwijtenvan zelfvoldaanheid, braafheid en ijdelheid.^) Ook onzebarmhartigheid moeten wij ontvangen, anders hebben wijhaar niet waarlijk en moeten haar eerst ...
Studentenalmanak 1928 - pagina 152
142 AESTHETIEK. EEN BEDERF DES LEVENSen als zij u, in een onbewaakt oogenlblik, als de „sfeer"hun gunstig is, kunnen verschalken, laten zij u hun voort-brengels zien, Het leven is leven. Dit beteekent o.a. dat wij het nietkunnen kennen. Kon dit, ...
Studentenalmanak 1928 - pagina 153
A E S T H E T I E K , E E N B E D E R F DES L E V E N S 143de oever, die de golf breekt en terugzendt, dóór den geest,die dan in die zaligende en harmonisdhe beweging geraakt,die ontroering heet, ^) Het is de echte geest-drift, die zichook aan het lichaam ...
Studentenalmanak 1928 - pagina 154
H4 AESTHETIEK. EEN BEDERF DES LEVENSgeheelen mensch toekonaen, ^) In dit proces, dat altijdmin of meer analytisch is, immers de ^eest werkt er in,wordt de beweging van den doorbrekenden levensstroom,haar dynamiek, omgezet in aesthetiek, (althans voor 't ...
Studentenalmanak 1928 - pagina 155
AESTHETIEK, EEN BEDERF DES LEVENS H5scheppende actie van den geest-in-drift; in al het inhalt-liche, het materieele bestand van het schema, den vloedvan het leven, die vorm kreeg; en in het rythme, in zijnkrachtiger of trager vaart, ...
Studentenalmanak 1928 - pagina 156
146 AESTHETIEK. EEN BEDERF DES LEVENS Omhoogdragen. Dat moeten wij ons heele leven. Onslijden, is zonde; onze vreugde, is zonde; ons beste oogen-blik, is onze grootste zonde — tenzij wij het omhoogdragen.En dit is een Liefde-eisch, Die wij niet mógen weerst ...
Studentenalmanak 1928 - pagina 157
AESTHETIEK, EEN BEDERF DES LEVENS li7harmonische bloei. Daarin is de volheid der eenheid, en deeenheid der volheid. Daarin zijn b.v. daad en gedachte één.Dat leven is simplex. Nu is er, waar het leven als krachtniet den geheelen mensch raa ...
Studentenalmanak 1928 - pagina 158
148 AESTHETIEK, EEN BEDERF DES LEVENSmorgen zult ge uzelf uitlachen. Want hij kan ons nietsgeven. Alleen maar ons laten zien hoeveel we verlorenhebben. „We moeten terug n a a r . . . . " enz. kan. hier geenleus zijn, We kimnen niet terug. Dit artikel ...
Studentenalmanak 1928 - pagina 160
THOMAS(VÓÓR ZIJN ONTMOETING MET CHRISTUS) (FRAGMENT) Een jubeling om zon en suizend koren vulde zijn hart — toen was hij nog 'n kind — Verstond hij niet de stem van 2X)n en wind; „Zooals wij zijn, zijn wij uit God gebor ...