Tweede zestal leerredenen - pagina 131
DE HEERE ONZE ROTSSTEEN.eeuwen zong:den Rotssteen,))vanhem had uitgegoten,"129die oliebeken bijwondere Steenrots ook u, meer dan laafnis voor den dorst, ook u een hooger zoet des levens schenken. Immers, gij allen, die in Gods heilgeheim zijt ingel ...
Tweede zestal leerredenen - pagina 132
DE HEEKE ONZE KOTSSTBEN.130mer," depsalnilied onsdie in elkdeuit heelSchrift.— Reedswees ik er op, hoe Frankrijk nog in onze dagen devangeschiedenisen spreekttegentrilt,straksonneembaarheid de ...
Tweede zestal leerredenen - pagina 133
DE HEERE ONZE ROTSSTEEN.duw van den eeuwigenRotssteen131wie zou thans hen,En daaromgenaken, wie thans hen verjagen kunnen?werd, hoe kon het anders? de steile, de ongenaakbare rotsburcht voor Israël van zelf een beeld van de onverwinbare besc ...
Tweede zestal leerredenen - pagina 134
DE HEERE ONZE ROTSSTEEN.132bang,te eng, tebeklemd op deze aarde?teOf als eronder uwe medemenschen, die u geen goed hartzijntoedragen,uwdieleven vergiftigen methunlaster,anderer hart voor u slu ...
Tweede zestal leerredenen - pagina 135
DE HEERE ONZE ROTSSTEEN.133gesprongen boog de stompe pijlen richten willen op hetwaarmee Sathan ugeestenheirstrijdongedeerddengebedsweg,kentHeminnaar dat is.ligtuzelfhoogu ...
Tweede zestal leerredenen - pagina 136
,DE HEERE ONZE ROTSSTEEN.134weniet wisten dat de Rotssteen vastzijnlofmaarinopstaat,bestierfalonze lippen? Neen, niet in het zichtbare,den onzienlijken Rotsburchtzijn die«poorten der ...
Tweede zestal leerredenen - pagina 137
,135DE HEERE ONZE ROTSSTEEN,een Steen des aanstoots'^Ge weet eenafgrijselijke herinnering,Hoebloed.telkens lezenwemet het bloed der kinderen, plettersloeg.nietdievan krijgers, van haarrots ...
Tweede zestal leerredenen - pagina 138
DE HEEEE ONZE KOTSSTEEN.136de dreigende storm niet op. Nog kunt ge de veilige haven binnenglijden,die inrotswand zich opent.zijnMaarindien niet. Zoo ge wilt blijven dobberen, zoo ge nietde «Wachter op de muren" toeroeptuwat ...
Tweede zestal leerredenen - pagina 139
DE HEERE ONZE ROTSSTEEN. waaruit zoekt dewaarinpen,menschgeen hoogte opzichweschuilen zal? Zienhij137niet,hoetewer-zelfshetden vorm der eigengerechtigheid, zich glooiend voor onzen voet ...