Mozaïsch en Romeinsch recht : eene vergelijkende rechtsstudie - pagina 16
Rede, gehouden bij de overdracht van het rectoraat der Vrije Universiteit
8 Universiteit van Koningsbergen onderricht gegeven, — thans heeft het vaak den schijn, alsof de rechtstoestanden der minst beschaafde volken, van wie in ruimer kring geen invloed merkbaar werd, meer belangstelling wekken, en gretiger beoefend worden dan die van Israël. „Das Mos. Recht," zoo merkt de laatstaangehaalde Schrij- ' ver op, „weil es in der Bibel stehet, hatte bisher das Unglück, von vielen als een ausschlieszliches Studium der Theologen betrachtet und somit diesen überlassen zu werden, die es wiederum vernachlassigten, weil sie es für Jurisprudenz hielten," >) De theologen sloegen dit deel des Bijbels over, wijl het eene rechtsorde betrof, en de juristen verzuimden die rechtsorde te beoefenen, omdat zij in den Bijbel stond. De op verkeerde banen dool geraakte Godgeleerdheid had het besef verloren, dat de gansche Schrift het object van hare wetenschap is, en leed te zeer aan oppervlakkigheid om nog te verstaan waarom in die Schrift ook Israels recht geboekt is. En ontbrak aan rechtsgeleerden het inzicht, dat elke wetenschap beginnen moet met het onderzoek, in hoeverre Gods Woord welhcht iets bevat, dat haar meer bijzonder raakt; ja, meden zij zelfs wat daarin van hunne gading voorkomt, alleen om de bron, — zoo wordt hierdoor opnieuw bevestigd, dat het onderzoek van de Heilige Schrift, en meer dan ééne wetenschap, door het miskennen van den Bijbel als Gods geopenbaarde Woord niet wint, maar wel verliest. Hermannus Witsius, den 17den Maart 1687 geroepen tot overdracht van het Eectoraat der Stichtsche Hoogeschool, hield bij die gelegenheid eene redevoering De Theocratia Israëlüarum. En als in deze eeuw de rechtsgeleerde hoogleeraar Schnell aan de Universiteit van Basel dienzelfden pUcht vervuUen moest, bepaalde hij zijn gehoor bij wat later onder dezen titel in het licht verscheen: Bas Israëlitische BecM in seinen Grundsügen dargesteUt (a». 1853) Dr. A. Pierson meende, als nu tien jaar geleden de Yrije Universiteit gesticht werd, dat de studie van Calvijn hier op den voorgrond zoude staan ^). Echter brengt het karakter onzer Stichting
1) T. a. p., bl. XIX. ") Studiën ooer Johannes Kalvijn (1527—1530), bl. 1. Nieuive Studiën over Johannes Kalvijn (1536—1541), bl. IX. Het eerste deel is van 1881; het tweede van 1883,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1890
Rectorale redes | 100 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1890
Rectorale redes | 100 Pagina's