Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Mozaïsch en Romeinsch recht : eene vergelijkende rechtsstudie - pagina 88

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Mozaïsch en Romeinsch recht : eene vergelijkende rechtsstudie - pagina 88

Rede, gehouden bij de overdracht van het rectoraat der Vrije Universiteit

2 minuten leestijd

80 naeum té doen innemen, ontmoet: „gaat het dus, dan zal men er wel moeten toe komen, om voor zelfstandige inrichtingen ten behoeve der goede beginselen te zorgen." ^) En denzelfden dag schrijft G-roen aan zijn Amsterdamschen vriend: ,,Een gunstige uitwerking zou de afwijzing kunnen hebben, indien wij in Nederland wat minder traag en slaperig waren; te weten, zoo de onmogelijkheid om op openbare inrigtingen Christelijke beginsels te brengen, de noodzakelijkheid van eigene inrigtingen deed inzien." 2) Zeven jaar later .scheen Groen's wensch reeds eenigermate in vervulling te zullen gaan. Nadat in 1850 met de pogingen om tot een Christelijk-G-ereformeerd Seminarium te komen een aanvang gemaakt was, kon het plan daartoe het volgende jaar worden meegedeeld ^). De G-ereformeerde gezindheid, zoo wordt in bedoeld stuk gezegd, was in twee deelen gesplitst. Voorloopig zou daarin wel geen verandering komen. „De afscheiding heeft, hoewel niet onherroepelijk, een niet te ontkennen zelfstandig bestaan verkregen naast de Nederlandsche Hervormde Kerk. ,,De niet-gescheiden gereformeerden mogen dit betreuren, — de zaak zelve is niet te veranderen zoo lang zij de afgescheidenen niet kunnen uitnoodigen terug te keeren tot eene Nederlandsche Hervormde Kerk, die hare eigene Belijdenis behoorlijk waardeert en handhaaft. „Daarentegen zullen in het algemeen de niet-gescheiden Gereformeerden tegenwoordig nog minder dan vroeger geneigd zijn, tot de Afscheiding over te gaan, nadat de laatste door de wijze waarop zij zich door de Regering heeft doen erkennen, in eene verkeerde stelling is geraakt, en nu de Hervormde Kerk sedert eenige jaren algemeene blijken van innerlijke levens- en veerkracht is beginnen te geven, waardoor de wensch naar en de verwachting van eene kerkelijke reformatie gedurig nieuw voedsel erlangt." Kerkelijk gedeeld, behoorde men nochtanss tot ééne gezindheid; stond men op denzelfden grondslag. De eenheid in geloof en be1) Brieven van Mr. Isaac da Costa, medegedeeld door Mr. Groen van Prinsterer, afl., bl. 490. 2) T. a. p., Ie afl., bl. 189. Over deze zaak sprak ik in Voorheen en Thans, bl. 65 en volgg. ^) Zie de Nederlander van 17 September 1851.

ie.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1890

Rectorale redes | 100 Pagina's

Mozaïsch en Romeinsch recht : eene vergelijkende rechtsstudie - pagina 88

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1890

Rectorale redes | 100 Pagina's