Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Mozaïsch en Romeinsch recht : eene vergelijkende rechtsstudie - pagina 39

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Mozaïsch en Romeinsch recht : eene vergelijkende rechtsstudie - pagina 39

Rede, gehouden bij de overdracht van het rectoraat der Vrije Universiteit

2 minuten leestijd

31 als de volkeren van rondom. Met 'sHeeren gezag verviel, maar veeleer was omgekeerd het gezag der dusgenaamde Koningen niet volledig; minder dan dat, hetwelk anderen bezaten. De ko"ningswet (Deut. XVII: 14 en volgg.), die in het vooruitzicht van des volks zondig begeeren gegeven wordt, bedoelt dan ook te voorkomen, dat die regenten op anti-theocratische wijze hun gezag oefenen. De Koning zal altoos door den Heere worden aangewezen. „Wanneer gij zult gekomen zijn in het land, dat u de Heere, uw God, geeft, en gij dat erfelijk zult bezitten en daarin wonen, en gij zeggen zult: Ik zal eenen Koning over mij stellen als al de volken, die rondom mij zijn; „Zoo zult gij ganschelijk tot Koning over u stellen, dien de Heere, uw God, verkiezen z a l ; . . . " Hoe luisterrijk Salomo's regeering ook was, toch wordt in de omstandigheid, dat te dier tijd eene vaste woonplaats voor den Heere gebouwd wordt, te duideliiker uitgesproken, dat ook toen nog zijn koningschap stand hield (§ 26). ,,Want de Heere heeft Zion verkoren. Hij heeft het begeerd tot zijne woonplaats, zeggende: „Dit is mijn rust tot in eeuwigheid, hier zal Ik wonen, want Ik heb ze begeerd." (Psalm CXXXII: 13 en 14) Aan des Heeren koningschap werd hulde ook door Nebukadnezar gedaan: „Het is de waarheid, dat ulieder God een God der goden is, en een Heere der Koningen" (Dan. II: 47); ,,zijne heerschappij is eene eeuwige heerschappij, en zijn koningrijk is van geslacht tot geslacht." (Dan. IY:34) (§ 27) Neen, ook in de baUingschap zuUen de kinderen Israels niet worden „als de Heidenen en als de geslachten der landen zijn, dienende hout en steen." (Ezechiël X X : 32) De Heere zal zijne kracht en bescherming hun toonen. „Zoo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere: Zoo Ik niet met eene sterke hand, en uitgestrekten arm, en met eene uitgegotene grimmigheid over u zal regeeren!" Moge al onder de Koningen en in de dagen der gevankelijke wegvoering 's Heeren gezag eenigermate verduisterd zijn, — de theocratie duurde toch voort. Van den kant des volks werd de Heere afgezworen als de kreet weerklonk (Joh. XIX : 15): „Wij hebben geenen Koning dan den Keizer", (§ 32) maar ten volle eindigde 'sHeeren koningschap eerst, als Hij zijn volk in de verstrooiing overgaf, en het zoo ophield als volk te bestaan (§ 33). Toen verdwenen, zal de theocratie in dien vorm nimmermeer wederkeeren (§ 34).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1890

Rectorale redes | 100 Pagina's

Mozaïsch en Romeinsch recht : eene vergelijkende rechtsstudie - pagina 39

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1890

Rectorale redes | 100 Pagina's