Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Mozaïsch en Romeinsch recht : eene vergelijkende rechtsstudie - pagina 57

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Mozaïsch en Romeinsch recht : eene vergelijkende rechtsstudie - pagina 57

Rede, gehouden bij de overdracht van het rectoraat der Vrije Universiteit

3 minuten leestijd

4Ö eigenaar den eed aannemen, dien de ander zweert, dat hij niet zijne hand aan des naasten have heeft gelegd (Exod. XXII : 10 en 11). Wordt een dief bij nacht op heeterdaad betrapt, zoo is noodweer geoorloofd, en al wordt hij geslagen, dat hij sterft, het zal geene bloedschuld zijn (Exod. XXII: 2). Overigens staat op diefstal het dubbele, zoo het gestelene kan teruggegeven worden (Exod. XXII: 4), en anders voor een schaap het vier-, voor een rund het vijfvoud (Exod. XXII: 1). Is de dief tot het voldoen van schuld onmachtig, „zoo zal hij verkocht worden voor zijne dieverij". (Exod. XXII : 3) Wel staat dus op diefstal geen crimineele straf, maar toch zal het eigenaarsrecht geëerbiedigd worden, gelijk ook vervloekt is wie zijns naasten landpaal verrukt (Deut. XXYII: 17) "), en reeds onder de tien geboden niet slechts het verbod van stelen voorkomt, maar reeds het begeeren als zonde wordt gestraft. Niet zelden wordt naar wat omtrent de eerste Christengemeente opgeteekend staat verwezen, van wie geboekt werd, dat allen die geloofden, bijeen waren, aUe ding gemeen hadden, goederen en have verkochten, en daarvan uitdeeling deden naar dat elk van noode had (Hand. II : 44 en 45). En terwijl miskend wordt, hoe deze toestand bovenal vermeld wordt als teeken van de innige liefdesgemeenschap, welke bestond, toen de Heere die gemeente voor een wijle als uitlichtte boven het gewone leven om, in liefde dronken, reeds iets meer te smaken van die heilige eenheid, welke hierboven het deel aller gezaligden wezen zal, — poogt men dit, wat niet in een Staat maar in den beperkten kring der geloovigen, en, naar het schijnt, voor zoo korten duur slechts bestond, als algemeenen norm voor het leven te stellen, terwijl men het oog afwendt van wat juist als zoodanig in den Bijbel voorkomt. De Heilige Schrift wijst ons op het misbruik, waartoe zij zich leent: „de Satan zelf verandert zich in een engel des lichts". (2 Cor. XI : 14) Lamartine verhaalt ons, dat op de. tafel van Marat de Bijbel steeds geopend lag ^). Het als het voornaamste, en Je tand nis liet minst gewichtige deel. Met die uitdrukking wordt zoo ook hegrepen wat daartusschen ligt. De talio zoowel in het groote, als in het kleine; zoowel voor het minst heteekenende lichaamsdeel als voor het voornaamste. S!ie Max Wandl, t. a p., bl. 21. En Schnell, t. a. p., hl. 17. 1) In Hosea V : 10 wordt van de vorsten van Juda, die 's Heeren ordening verzetten, gezegd, dat zij geworden zijn, als die de landpalen verrukten. '•') Histoire des Girondins, dl. III, bl. 181.

4

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1890

Rectorale redes | 100 Pagina's

Mozaïsch en Romeinsch recht : eene vergelijkende rechtsstudie - pagina 57

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1890

Rectorale redes | 100 Pagina's