GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

De wetenschap van den Logos - pagina 44

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De wetenschap van den Logos - pagina 44

Rede bij de overdracht van het rectoraat der Vrije Universiteit

2 minuten leestijd

38 indien hij geen kennis had van zijne eigene gelukzaligheid, welker volmaaktheid in de gemeenschap met God gelegen is. Daarom is dit het voornaamste werk van de ziel, dat zij daarnaar streve. Hoe meer iemand derhalve arbeidt om tot God te naderen, zooveel te meer redelijkheid en verstand betoont hij te hebben in zich zelven." „De God-erkennendheid, al is 't geen net Duitsch, zegt Brakel, i) is den mensch ingeschapen als de redelijkheid."

En laat ik hier

het in denzelfden zin bedoelde woord van Augustinus mogen ( bijvoegen: „Gij wekt ons op om u met vreugde te prijzen, omdat j' Gij ons tot U geschapen hebt en ons hart onrustig is, tot het I rust vindt in U.'^ 2) Doch hoeverre verspreiden die vonkskens van licht, die in den verduisterden logos zijn overgebleven, hunnen glans, in geestelijke zaken .P Ook nu antwoord ik het liefst met de woorden van Calvyn: 3) „Nu moeten wij verklaren wat de menschelijke rede vermag te onderscheiden, wanneer het komt tot Godes rijk en dat geestelijke doorzicht, dat voornamelijk in drie dingen bestaat, te weten: in de kennisse Gods, in Zijn vaderlijke gunst 't onswaart, waarin onze zaligheid bestaat, en in de schikking van ons leven naar den regel der wet.

Zoowel in de eerste twee als in 't bij-

i) Redelijke godsdienst. Cap. I, III. 2) Confess. I, i : Tu excitas, ut laudare te delectet; quia fecisti nos ad te, et inquietum est cor nostrum, donee requiescat in te." 3) Institut. 2, 18: „Nunc exponendum est quid cernat humana ratio, ubi ad regnum Dei venitur et spiritualem illam perspicientiam, quae tribus potissimum rebus constat, Deum nosse, paternum erga nos eius favorem, in quo salus nostra consistit, et formandae secundum legis regulam vitae rationem. Cum in primis duobus, tum vero in secundo proprie, qui sunt hominum ingeniosissimi talpis sunt caeciores. Equidem non infitior sparsim quaedam apud philosoplios de Deo legi scite et apposite dicta, scd quae ^-ertiginosam quandam imaginationem semper resipiant. Praebuit quidem illis Dominus, ut supra dictum est, exiguum divinitatis suae gustum, ne ignorantiam impietati obtenderent, et eos interdum ad dicenda nonnulla impulit, quorum confessione ipsi convincerentur; sed ita viderunt quae videbant, ut tali intuitu minime ad veritatem dirigerentur, nedum pertingerent.

Qualiter nocturni

fulgetri coruscationem, qui in medio agro est viator, longe lateque ad momentum videt, sed adeo evanido aspectu, ut ante noctis caligine resorbeatur, quam pedem movere queat; tantum abest ut in viam tali subsidio deducatur.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 20 oktober 1891

Rectorale redes | 70 Pagina's

De wetenschap van den Logos - pagina 44

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 20 oktober 1891

Rectorale redes | 70 Pagina's