GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

Vrijwillig lijden.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Vrijwillig lijden.

4 minuten leestijd

Gij weet, dat na twee dagen het Pascha is, en de Zoon des menschen zal overgeleverd worden, om gekruisigd te worden. Mattheus 26:2.

De Gemeente des Heeren beschouwt ia dezen tijd wederom met geloovige aandacht den smartenweg, dien haar Heiland voor haar heeft betred'en. Laat ze dan ook altijd weer oog hebben voor de volkomen vrijwilligheid, waarmede dat lijden werd ondergaan.

Van deze vrijwilligheid geeft Jezus zelf zulk oen ontroerend getuigenis in Zijne medédeeling aan de discipelen, dat Hij na twee dagen zal overgeleverd worden tot den kruisdood.

Wij zijn, door herhaald lezen, thans aan deze woorden gewend; maar het is toch aangrijpend', iemand met zooveel nauwkeurige voorweten.schap over zijn einde te hooren spreken. Na twee dagen gekruisigd; — tijd en wijze van sterven blijken Jezus met volkom'en helderheid, voor den geest te staan; en volgens andere meded'eelingen wist

Hij ook allerlei gruwelijke bijzonderheden, die Zija uitgang uit dit leven zouden vergezellen. Welk een lijden moet Hij, reeds vóór Zdjh eigenlijk lijden, in de kennis van wat naderde hebbén doorgemaakt

Want Jezus heeft dat alles niet slechts geweten en het toen uit Zijne gedachten gebannen, maar Hij heeft er met Zijne discipelen over gesproken. Hij heeft het in al zijn ijselijke bijzonderheden voor Zijn geest moeten stellen, en dus van te voren 'd» zielsbenauwing ervan moeten doorleven.

De vraag rijst op, of dit nu noodig geweest is; of althans dit bange vóórlijden den Zoon des xa& sxschen niet had kunnen bespaard worden. Het eigenlijke lijden zou immers tóch gekomen zjjn, en waailijk, — het is ook aldus groot genoeg geweest.

Ja, — het zou tóch gekomen zijn; doch het had niet die rijk-vertroostende prediking gehad, die ©r mi van uitgaat; het had ons niet dien volkomenvrijwilligen Zaligmaker getoond, dien het ons thans doet genieten.

Want Jezus moest Zijn lijden, — tijd en wijze ervan — vooruit weten, opdat Hij, — 'hoe vreemd' het klinke —• het zou kunnen ontgaan. De Vader had Hem van te , voren met alles, tot met den dag van Zijn dood toe, in kennis gesteld^ — om Hem de mogelijkheid te geven Zich eraan te onttrekken; en om, wanneer Hij dit dan niet doet, onweersprekelijk aan den dag te doen treden, mét welk eene volmaakt-vrijwillige liefde Christus Zijne ziel geeft tot een rantsoen voor velen.

„Na twee dagen"; — het biedt, voor een die weet, dat men hem grijpen en dooden wil, tijdsruimte genoeg om zich in veiligheid te stellen. Ook' de Zoon des menschen kan Zijn vijanden nog ontgaan..

Hij kan Zijn lijdenswerk nog uitstellen, om straks, na herwonnen bezinning en zielsrust, en na meer geoefend te zijn in gehoorzaamheid en zelfverloochening, opnieuw de bloedstad te naderen. Na twee •dagen; — God geeft Hem nog alle kansen.

Maar nu komt ook uit, dat Christus de Zijnen vrijwillig liefheeft.

Want, terwijl Hij weet: — , , na twee dagen", treedt Hij geen stap terug; Hij aarzelt zelfs niet; integendeel. Hij treedt Zijn vijanden tegemoet; Hij zoekt het kruis. Wel verre van, dat het „na twee dagen" Hem zou terughouden, is het Hem juist een reden om niet langer te toeven, doch Zich te begeven naar de plaats van Zijn lijden en sterven.

Zóó heeft Hij den kruisdood aanvaard. Die dood is Hem niet overkomen als aan een slachtoffer; maar Christus heeft wetend en willend dien dood als een daad volbracht, een daad van Zijne volmaakt-vrijwillige liefde en gehoorzaamheid.

Het is dit offer, dat d'e Vader begeert.

Met eene gedwongen, of in overrompeling afgenomen gave wordt Gods recht niet voldaan. Dat recht vraagt de offerande van een, die zegt: - „Zie, Ik kom om Uwen wil te doen, o God."

En dit offer kan ook alleen het verslagen hart vertroosten.

Ja, voor dat hart is de Man van smarten altijd schoon; maar nóóit schooner, dan wanneer Hij het verschijnt in het gewaad Zijner vrijwillige ontfer­ ming.

Laat Hij den schuldbewuste, den bidder om verzoening met God, die vaak in kleingeloof de groote genade der schulduitdelging niet durft aannemen, dan zóó tegemoet treden in deze lijdensweken. En laat deze zich dan eens afvragai, ' wat er in dien Jezus is, waarom hij zich niet geloovig, in leven en sterven, aan Hem zou toevertrouwen. Zou Christus ml minder bereidwillig zijn om' zalig te maken, dan. toen Hij den kruisweg opging?

En voorts beseffe de Christen hoe langer zoo meer den rijkdom der gewilligheid van zijn Zalig­maker.

Want wij zijn van nature onwillig.

Want wij zijn van nature onwillig.

En ook na herschepping zijn wij telkens wederstrevend, eigenwillig en wantrouwend. Er is nooit iets in ons, waarom wij zouden zalig worden.

En daaro'm ligt de oorzaak onzer zaligheid alleen, en blijft alleen liggen in dit ééne: — Hij

heeft het gewild. God was m Christus gereed', om' ons to verlossen.

Hij heeft ons vrijwillig liefgehad. „Ik zal U loven in eeuwigheid, omdat Gij het gedaan hebt."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 februari 1931

De Reformatie | 8 Pagina's

Vrijwillig lijden.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 februari 1931

De Reformatie | 8 Pagina's

PDF Bekijken