van de rechtvaardigmaking.
ZöiVDAGSAFDEBLIMG XXiir. V. Want God was in Christus de wereld met zich zelveu ver zoenende, hunne zonden hun niet toerekenende; en heeft het woord der verzoening in ons gelegd. 2 Cor. 5 : 19.Ge staat dus onder het recht Gods en moet naar eisch van dat ...
Van de rechtvaardigmaking.
ZON0AGSAFD£J|L^%i; } XJ^III.VI. "•^'En die Hij te voren verordi neerd heeft, deze 'heeft Hij ook geroepen; en die Hij geroepen heeft, deze heeft Hij ook gerecht vaardigd; en die Hij gerecht vaardigd heeft, deze heeft Hij ook verheerlijkt. Rom. 8 : 50.Drieërlei staat dan nu va ...
,,Mahanaim."
En Jacob zeide, met dat hij hen zag: it is een heirleger Gods! en hij noemde den naam derzelver plaats Mahanaïm. (Gen. 32 : 2.)Het gordijn der hemelen, dat Gods majesteit voor ons oog bedekt, is voor zijn verkorenen vanouds oorzaak van heilige droefenisse gegeweest. Van daar dat aanhoudend ...
Vande rechtvaardigmaking.
VII. Wij dan, gerechtvaardigd zijnde uit het geloof, hebben vrede bij God, door onzen Heere Jezus Christus. Rom. 5:1. Van oudsher bestond er onder de belijders des Heeren verschil over de vraag, of de rechtvaardigmaking aan het geloof of het geloof aan de rec ...
Van de rechtvaardigmaking.
ZOi\»A«SAFJ)EEliafG XXIIÏ. VIII. Welke overgeleverd is om onze zonden, en opgewekt om onze rechtvaardigraaking. Rom. 4 : 25. Op de vraag: Wanneer en op welk oogenblik kwam uwe rechtvaardigmaking tot stand.' moet dus onderscheid ...
Van de rechtvaardigamking.
ZONDAGSAFDËELIJVG XXIIf. IX. (Slot: ) En indien wij kinderen zijn, zoo zijn wij ook erfgenamen, erfgenamen van God en medeerfgenamen van Christus; zoo wij anders met hem lijden, opdat wij ook met hem verheerlijkt worden. Rom. 8; 17. ...
"Een weg die nog uitnemender is!"
Doch ijvert naar de beste gaven; en ik wijs u eenen weg, die nog uitnemender is. I Cor. 12 : 31. Het is wel bang, om het uit te spreken, maar de strijd van ons zichzelf zoekend ik mengt zich tot in de rijkste openbaringen van den Hei ...
Van de verdienstelijkheid der goeve werken.
ZDJiDAGSAFDESLING XXIV. I. Doch wij allen zijn als een onreine, en al onze gerechtig heden zijn als een wegwerpelijk kleed; en wij allen vallen af als een blad, en onze misdaden voe ren ons henen weg als een wind. Jesaia 64:6. ...
Van de verdienstelijkheid der goede Werken.
ZONOAGSAFDEEHJÏCi XXIV. II. Want het is God, die in u werkt beide het willen en het werken, naar zijn welbehagen. Filipp 2:13. Beide klippen, zoo die van het Semi-Pelagianisme als van het Antinomianismè, ontzeilt de belijdenis ...
Van de verdienstelijkheid der goede werken.
ZONDAGSAFDSELÏNG XXIV. III. Doch wij allen zijn als een onreine, en al onze gerechtig heden zijn als eea wegwerpelijk kleed; en wij allen vallen af als een blad, en onze misdaden voe ren ons henen weg ais een wind ...