GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

Handwerkjes op Zondag.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Handwerkjes op Zondag.

4 minuten leestijd

At weer een vraag over het 4de gebod!

Of neen, niet over het 4de gebod.

In dat geval zou ik deze verzuchting niet slaken. Niet over het 4de' gebo'd.

Want dan zou ze gegolden hebben de heiliging van den D; ag des Heeren, die het hart en de ziel, het begin en het einde is van gebod 4.

Maar over wat men op des Heeren Dag al of liiet mag doen. En déze vraag-doet me — niet in alle gevallen, maar wèl in de mééste waarin ze gedaan wordt, en vooral als ze gedaan wordt in dézen concreten vorm — zuchten: „Ach, wanneer jzullen we het toch eens zóó druk krijgen met de waarachtige, geestelijke heiliging van den Dag des Heeren, . dat we geen tijd meer over houden voor zulke talmudische kwesties!

lk Zou ook voor minder reeds dankbaar zijn.

'kZon het óók al wezen, als de ontzaglijke 61 eisch van'dat heerlijke 4de gebod van Gods heilige Wet, in zijn geestelijken, Nieuw-Testamentischen zin, zóó algemeen verstaan werd, dat er voor vragen als die over het geoorloofde van het opnemen van een handwerkje door onze vrouwen en meisjes op Zondag geen plaats bleef.

lk Gevoel dan ook weinig lust om er op in te gaan. Ook om het gevaar, dat beiantwoording ervan me onder den schijn zou kannen brengen, van op-Joodsch-Rabbinistische wijze voor anderen allerlei wetten te willen maken.

En dat gevaar zou me in dit geval zeer van nabij dreigen, nu inzender — die er zielf overigens vrijwel voorstaat als ik — zijn vraag ten slotte zóó formuleert: „Heeft zulk een verbod" — van handwerkjes op Zondag — „onder ons een normatief kara-kter? "

Want, gelukkig, zon ik op de vraag, zóó gesteld, wel kunnen antwoorden met een krachtig „neen", en er aan toe kunnen voegen, dat geen verbod van menschen OQder ons. Gereformeerden, een normatief karakter heeft; dat alleen het gebod Gods onder ons geldt als normatief — maar daarmee antwoordde ik den vrager toch maar half.

Hij wenscht ook mijn persoonhjfc oordeel te weten.

Nu, ik wil hem dat, al was 't maar alleen uit waardeering voor het vertrouwen, dat 'hij in me blijkt te stellen, niet weigeren. .

Maar dan onder de uitdrukkelijke verzekering, dat ik daarmee niet geacht wil worden mee te doen aan de wettenmafcerij op dit punt, waai'aan nog altoos heel wat menschen zich vergasten.

Neen, naar mijn oordeel maakt, wie opi. Zondag een handwerkje ter haind neemt, zich daarmee op zichzelf nog niet schuldig aan ontheiliging van den Dag des Heeren.

• Men moet hierbij allerlei omstandigheden in aanmerking nemen.

Zoodra dat „handwerkje" voortzetting wordt van den dagelijksclaen arbeid, wijl het verdienste of bijverdienste beoogt, krijgt het het karakter van slaafschen arbeid. En het is juist slaafsche arbeid, dien gebod 4 verbiedt.

Al evenzeer is het zonde tegen gebod 4, zoo het middel wordt om zich aan de heiliging van des Heeren dag, d.w.z. aan de toewijding ervan aa.n 's Heeren dienst, te onttrekken of, wat op hetzelfde neerkomt, den tijd te dooden.

Maar als onder het voeren of aanhooren van een gesprek, misschien een gespïefc over geestelijke dingen, onze vrouwen of meisjes., wijl ze moeilijk met leêge handen kunnen zitten, een handwerkje opnemen, dat haar aandacht niet in beslag neemt, ben ik erg benieuwd te hooren, met welke gewichtige red, ënen de leden van haar sexe, die er met ledige handen in den schoot bij zitten, haar op. grond van gebod 4, kunnen bestraffen over Zondiagsontheiliging. ^

Dat is m ij n oordeel.

Maar — nog ééns — dit oordeel begeer ik niemand op te leggen. En al wenschte ik' wel, dat al mijn broeders en zusters op dit punt aan de wet der dienstbaarheid ontkomen waren, — ook hier geldt de regel, van Rom. 14: „Die twijfelt indien hij eet, is veroordeeld, omdat hiji, niet uit het geloof eet, " en „Een iegelijk zij; in zijii eigen gemoed' ten volle verzekerd."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 november 1926

De Reformatie | 8 Pagina's

Handwerkjes op Zondag.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 november 1926

De Reformatie | 8 Pagina's