Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 211
„ZO>DE A'OOK0>;SGEMAAKT."203geen vrijspraak noch redding zijn, eer ge van Gods wege en het met innigen dank der liefde voor zooveel ontfermens aan wilt nemen, dat, ja, waarlijk iiw Heiland, nw Borgen nw Middelaar de (/nnsche zonde, het wezen zelf der zonde, zoo o ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 212
XLIII. ,1l>aöt'L*,in iilnc Ijiiubcn ücliccï iü iinjncn gce^t."„En Jezus, roepende met groote stemme, zeide: Vader, in uwe handen beveel ik mynen geest. En als hij dat gezegd had, gaf hij' den Lukas 23 46. geest." :Grolgotba is, toen het kruis er werd opgericht, en Jezus aa ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 213
„A'ADER, IX lAVE HA>'DEXBEVEEL IK MIJXEX GEEST."205Zelfs de officier van het Eoraeinsclie leger, die de wacht bi] het kruis betrok en er bevel voerde, kon zich ten leste aan dien overweldigenden indruk niet ontworstelen, en zijn nitroep nadat Jezus gestorven was „ Wanrlijl ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 214
;206nemen„A^ADER, IX TAVEHAXDEX BEVEEL IK MIJXEXmaar ook een heel anderÜEEST.''iets, en veel meer, (htt op den dat achter een gordijn als verborgen bleef, en dat daar door niemand kon verstaan worden, wiens oog niet geopend was, om door de kieren v ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 215
„VADER, IX rWE HAXDEX' BEYEEL IK MIJNEN GEEST.'2ü7hebt; en bovenal zoo de toorn Gods in die schrikkelijke werkelijkheid voor u is getreden, dat ge zelf aan uw eigen ziel gevoeld hebt, hoe ge onder het wee en het wicht van dien toorn uws Gods eeuwigiijk moest verzinken. Dan to ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 216
Maria had Jezus van het kruis weggezonden. Xeen, al wat in dit ontzettende oogenblik, toen hij reeds één voet op den drempel van de poorte des Doods gezet had, en zich Zelfsijlingsdieontzettendepoorteachterhemsluitenzou, uit zijnen ov ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 217
:XLIV. „q5ö legt mij in Ijct ^tof be^ taob^!"Mijne kracht is verdroogd als eene potscherf en mijne tong kleeft aan mijn gehemelte; en Gij iegt mij in het stof des doods.Psalm 22:16.nog geen mensch bestond, lag er op deze aarde En van die stof greep Gods a ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 218
!210„GIJ LEUT MIJ IX HET STOF DES DOODSA\^ie (lod verlaat moet terug na:tr den verkeerde, eer zijn Grod hem riep en schiep. En daarom volgt er na ons uitblazen van den adem nog een graf, dat ons in zijn schoot ontvangt. Dan opent de aarde zich. Die stofbodem, waarboven (iods ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 219
Grelijk ze onder den doem lag oiu in dood en graf te verzinken en tot stof weder te keeren. En in dien loop en weg moest Messias ingaan, om juist in de groeve des doods verzonken, met den Greest tegen het stof te strijden, en in het graf zelfde macht van het stof te binden door zijn verrijzenis. ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 220
;212„GIJ LEGT MIJ IX HET STOF DES DOODS!"reeds halverwege in den toon vanlof' en jnbel omslaat: „Gr ij. die den Heere vreest, prijst Hem al gij zaad Jacobs, vereert Hem !" en ontziet n voor Hem, al gij zaad van Israël Daarin ligt voor Messias de macht om door te ...