Niet gereed.
III. Het onderscheid, lusscbaa reformatorisolie omtrek-en oeailrum-Wieiiscben kan bijna niet te scheïp woriden geacoentueerd.De plicht om onze voornaamste kracht aan fl© vervulling der laatste te ^ven, dijenen wij' onszelf rusteloos, ja, schier uit den treu^ ...
Ondergang en opgang in de mystiek.
Mystiek en levenslust kunnen samengaan.Dit te verzekeren, mag niet overbodig geacht.Wie kennis neemt, van wat de mystieken der eeuwen aan boieken toevertrouwden^ kan lioht onder den indruk gerat> en, dat de mysüek zichkraohtens haar wezen met den levenslust niet verdraagt. ...
REFORMATORISCHE WENSCHEN.
Om de waarheid Gods. II. Eenerzijitó diemit ide reformjatieidrajag', die in onze kerken opienbaaa" woirdit, nog, ia sterkte' te wianen. Het Jstemt tot vreugde, dat hij' zoo goed als algemeen is. Maar hi| as overal nog niet uitgeslage ...
De aanval van Dr Vlsscher.
I. Onder den voor 'Gereform'eie'ride ooren ietwat seiisalioneedien titel: ei lig E vangelie of Pseudo schrift, met ter nadere verklaiing erbij: e Heraut met Marcus XVI:9—20 voor de vierschaar d'er Belij'denis, verscheen bij het Uil'geversbureau van Lonkhuizen te Ze ...
PERS-SCHOUW.
Instructionisme. Bovensitaaniden term' Z'ullen onz© lezers in den laatsten tijd nogi al eens ontmoet hebben. Wat er onder verstaaai moei worden? Het artikel van Iden heer Van Wijlen in „D© School miet den Bijbel'' geeft 'hieromtrent uitsluitsel.Dat woord is ...
REFORMATORISCHE WENSCHEN.
Meer centraal. I. De reformatoriscli© leuzie is idan door nieuwe steinmen, , met nieuwe fcrachibeia ^angeliev©!!.En zij vindt toit iin de aclilieiEsta gtraitien van aas kerkelijk Jeruzalem wieierklank.Het mag zeker opme ...
„Tweede Supplement bij de 3de uitgave (1916) der Kerkenordening van de Gereformeerde Kerken in Nederland benevens de Zendinigsorde”, door Dr J. C. de Moor, behelzende de daaraan verbonden besluiten der Generale Synode van Leeuwarden (1920). Electrische Drukkerij „Vada”, Wageningen, 1921, f 0.20.
Voor beizitters van bovengenoemde uitgave onmisbaar. Secuur werk. ...
PERS-SCHOUW.
Prof. Geesink als recensent. De aanleiding, welk© dit ptnderwerp in onze ^iers brengt, is onziem lezers niet onbekend. Ds RuUmann, .o|nze specialiteit in bet verzamelen van interessanite artifcelem, diept uit „Hollate'dia" een oordeel van dem otetslapen Sikkel over ...
Het onserijmde in de mystiek.
Voor den ondiepett. miensch móet alles' rijmen.Gelijk menig .(eenvoudige ziel zich geen poëzie kan denken zonder rijlmwooüden, zoo kan de liöhte verstandalijkheids-mienisch Iniet dulden, idat ©r iets! in het leven piet rijmt.En wanineer hij' dan iets tegenkotót^ dat niet klopt op zi ...
„De Jeugdouderling”.
IV. Ons laatste punit koimjt juu , aan de orde: „de vereischten vo-or den Jeugdouderling".Met instemming citeeren wij' hier, wait Ds Renting van Winterswij'k in zijn referaat: „Het ambt der ouderlingen 'cn de rijpere jeugd" opmerkt: j, Het ligt in den aard d ...