Studentenalmanak 1931 - pagina 246
212 IETS OVER KERKELIJKE POLEMIEK De afval des menschen van God tot zichzelf bcteekentde negatie der wet: de omslag van de Liefde in den Haaten van het Leven in den Dood, want het Leven is in deLiefde, in de vervulling der wet („het gebod, dat mij te ...
Studentenalmanak 1931 - pagina 247
IETS OVER KERKELIJKE POLEMIEK 213in haar tweeheid te onderscheiden, maar practisch nooit tescheiden. Beide structuren liggen in de werkelijkheiddooreen. Gaan we thans deze tweeërlei structuur na. Voor beidekiezen we een symbool te ...
Studentenalmanak 1931 - pagina 248
214 IETS OVER KERKELIJKE POLEMIEKhaar eigen „centrum". Niet langer van, tot en in Christus,maar van, tot en in zichzelf bestaat deze kerk, (N,B. voorzoover zij dit doet). Zij is zondig geworden, d.w.z. ego-theïstisch. Deze deformatie beteekent een vera ...
Studentenalmanak 1931 - pagina 249
IETS OVER KERKELIJKE POLEMIEK 215tot de individuen, maar via het collectieve ego. Dit ego isde rechte lijn, die de individuen vormen. Ook het centrale front vertoont een rechte lijn. Dit isechter een geheel andere. Zij is een toevallig ...
Studentenalmanak 1931 - pagina 25
HOOGLEERAREN 19 Dr, C, van Gelderen, van Breestraat 173, opgetreden 4Mei 1905, doceert Bijbelscihe Archaeologie, Hebreeuwsch,Arameesch, Assyrisoh en Arabisch. Dr, A, Goslinga, Stadhouderskade 150b, opgetreden 8Jul ...
Studentenalmanak 1931 - pagina 250
214 IETS OVER KERKELIJKE POLEMIEKhaar eigen „centrum". Niet langer van, tot en in Christus,maar van, tot en in zichzelf bestaat deze kerk, (N,B, voorzoover zij dit doet). Zij is zondig geworden, d.w.z, ego-theïstisch. Deze deformatie beteekent een vera ...
Studentenalmanak 1931 - pagina 251
IETS OVER KERKELIJKE POLEMIEK 215tot de individuen, maar via het collectieve ego. Dit ego isde rechte lijn, die de individuen vormen. Ook het centrale front vertoont een rechte lijn. Dit isechter een geheel andere. Zij is een toevallig ...
Studentenalmanak 1931 - pagina 252
216 IETS OVER KERKELIJKE POLEMIEKzoodra zij strijden, ook voor het hoogste, ook voor Christuszelf. Als dus de twee fronten vergeleken worden, doet mengoed niet aan twee anti-fronten, maar aan twee bovenelkaar liggende te denken, in dezelfde richting opg ...
Studentenalmanak 1931 - pagina 253
IETS OVER KERKELIJKE POLEMIEK 217Zij blijft een veelheid. Haar „eenheid" bestaat in gelijk-heid, d.i. in vorm-eenheid, ze is uniform. Bij de K-structuurziet men evenveel vormen als leden, want het Centrum,Christus, is de volheid ...
Studentenalmanak 1931 - pagina 254
218 IETS OVER KERKELIJKE POLEMIEKscheiden, ze onderscheidt zichzelf niet (in de personen, diehaar niet in zichzelf onderscheiden). Herkennen deze haar,dan is het de K in hen, die haar herkent. Want de K alleenonderscheidt. ,,De geestelijke mensch onde ...