Honig uit den rotssteen - pagina 138
!IM xLrv.Cnin be buï^terni^ taanbcïcn! Indien wij zeggen dat wij gemeenschap met hebben en wij in de duisternis wandelen, zoo liegen wij, en doen de waarheid niet. 1 Joh. 1 6.Hem:Twee dingen moeten voor een Christenmensch muurvaststaan.moet ...
Honig uit den rotssteen - pagina 140
!!126 duisternis; of met den eenen voet op het pad der glansen, met den anderen op het pad der donkerheden. Daar is niets van aan. Dat kan niet. Ge leeft of ge zijt dood. En zoo ook ge zijt en wandelt op den weg rechts, of wel ge zijt en wandelt op dien weg niet, maar dan wandelt ge ...
Honig uit den rotssteen - pagina 141
127En hoe o,dat dan Zoo vanzelf.gaat,omalzoo in het licht tewandelen?„Of zijn we niet zijn. maaksel, geschapen in Christus Jezus tot goede werken die Hij voor ons bereid heeft, opdat wij daarin wandelen zouden." Gij zult dus niets doen dan gelooven ...
Honig uit den rotssteen - pagina 143
129 niet donker was en 's nachts licht, omdat hij dan ziet. En evenzoo doen wij nu met God den Heere. Omdat ons oog stomp is voor het licht en scherp in de zonde staart, keeren wij het bestand der dingen om, en zeggen in onzen hoogmoed „Zie, nu zie dus nu is het licht over mij." En dan komt de He ...
Honig uit den rotssteen - pagina 144
130XLVI. ap»tjber^mcït mtj Gijïjetheft mijdaarop rijdentaesenlGij doet mij op in den wind en Gij versmelt mij het wezen. ;:Job. 30:22.Klaag toch niet te bitterlijk, ook al is het dat uw harp tot een en, om rouwkla ...
Honig uit den rotssteen - pagina 145
;131 gevallen,ombijde uitbrenging en handhaving van de eere Gods te als instrument.hebben mogen dienst doenMaar .... en Toen hijweten.Anders ware bonds geweest.Hadhijvergeet dat niet, Job kwam dit eerst van achteren in d ...
Honig uit den rotssteen - pagina 142
128Te sterker dient hiertegen gewaarschuwd, omdat het altijd gewagen van „onwaar zijn" er ongemerkt toe leidt, om het „waarheid spreken" minder nauw te nemen, en van het „waarheid doen" schrede voor schrede verder af te gaan. Dit hangt saam. Dring ik eenmaal door de oppervlakte heen naar d ...
Honig uit den rotssteen - pagina 146
!132 en dat alles een deel van zijn leven, een kring in zijn levensomtrek, een straal van zijn levensgloed uitmaken. met dat alles is toch zijn wezen zelf nog; niet gemoeid. Maar Van dat alles heeft hij nog een besef, alsof hij er meê omkleed, meê versierd, meê rijk gemaakt is, maar alsof ...
Honig uit den rotssteen - pagina 147
!133 de vrucht niet heerlijk geweest? Voor Job zelf? "Voor ziel? Maar ook voor zijn broederen? Voor de heiligen van oude dagen? Voor de martelaren van den Nazarener? Voor alle worstelaars aan den Jabbok? Voor al wie dorst naar het eenige waarachtige, echte, door dood en graf heen komende e ...
Honig uit den rotssteen - pagina 148
134 Niet maar de wet voor de oude Joden, maar de wet ook nu nog;, voor de uiterst moderne menschen in deze gansch nieuwe en alle ding vernieuwende eeuw. Of de menschen al zeggen: „Neen, maar Zions wet heeft afgedaan!" dat doet er niets toe en verandert niets hoegenaamd aan de zaak. De wet blijft ...