Studentenalmanak 1967 - pagina 256
de laatsteOtto van Hesetaleen kleine mantussen de zuilen.Als hij uitkijkt ziet hij:de bergen van verdriet,het weggevreten hout van zijn paleis.Zijn vrouw is lang,langer en blondgeen schatkistmaar goed gesloten. ...
Studentenalmanak 1967 - pagina 257
een aap, die schaatst Die middag. Nee, het regende niet. De zon scheen zelfs. Echt Hollands, temidden van grote, loodgrijze en donkerblauwe wolkenvelden. ,,lk heb zin in een haring," zei Paul tegen hem. De handen van de visverkoper. Lodewijk kreeg zin om te vragen: ...
Studentenalmanak 1967 - pagina 258
Wilde hij bijvoorbeeld nog een moorkop gaan eten, lekker boven opdie haring of een partij condooms inslaan. ,,Heeft zij er geen last van wanneer je veel studeert?" Oh, ja, dit wasduidelijker. Hier ging het dus naar toe. Hier zat de steek. ,,Ze wist dat ik fluit speelde ...
Studentenalmanak 1967 - pagina 259
,,je moet oppassen, morgen lig je er uit."Stilte.,,Doe er wat aan. Het zou jammer zijn."Weer even stilte, ja, zo. Hij voelde zich week worden en huilerig, jekon de vogels horen zingen, elk zoals het gebekt was. Daar was het eenprovincieplaats voor. Het zomerse g ...
Studentenalmanak 1967 - pagina 26
hooimaand10 ma Technische Hogeschool Delft, 62e dies17 ma arme Rieme: tering! ...
Studentenalmanak 1967 - pagina 260
,,Carla, ik word er waarschijnlijk uitgetrapt. Sander heeft er de balenvan."Zij keek hem weer aan. Daarna dwaalden haar ogen langs zijn lichaam,naar zijn voeten en dan weer terug.Jij bent een fijn meisje, dacht hij, geboft! Zo zijn er geen twee. Mondainteefje. V ...
Studentenalmanak 1967 - pagina 261
Een warwinkel werd het, voelde hij. ,,Omdat ik . . ." zei hij. ,,Omdat ik voel . . . de muziek was er altijd, zal er altijd zijn. Kan me niet voorstellen dat ik niet zou spelen. Mijn vingers passen nergens anders op. Ik bedoel de fluit... en mijn vingers... en . . . " ...
Studentenalmanak 1967 - pagina 262
Toen ze door waren gelopen, meende hij zich te herinneren, dat de neger„Stil maar" had gezegd.De dagen telden niet meer. Misschien ben ik al heel oud. Lodewijkvermeed het in de spiegel te kijken, maar wanneer hij bij toeval zichzelfzag, viel het eigenlijk wel mee. ...
Studentenalmanak 1967 - pagina 263
zwaaide en zo meer. Een gevierde aap dus, die Jonathan, maar met eenweemoed behept, die alleen Lodewijk meende te herkennen.,,Wat lijkt hij op ons," zeiden de ijsdansers giechelend en Lodewijkvoelde dan zijn handen beven, want het was niet zo, het kon niet zo zijn.Enke ...
Studentenalmanak 1967 - pagina 264
het heeft geregendhet heeft te veel geregender was te veel geluidgeen vogeitenen op de padenhet maakt mij bitter bleekvoor 's nachts: hij bindt dan vleugels aan als rijstpapier zo licht hij drukt zijn lichaam aan het raam en ziet mij ...