Parlementaire redevoeringen - pagina 578
:ZITTING 1903—1904.576vooral daarom niet, wijl niet te ontkennen valt, dat er in deze op de Amsterdamsche secretarie eene vergissing is begaan. Want wanneer degenen, die voorgedragen worden, ook overleggen eene kaart, waaruit dat zij zelf als gemachtigden zich gesteld hebben, ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 579
Voordrachten voor de Raden van Beroep. en de vergadering werd met spoed bijeengeroepen, zeideAprilkonden peruitop deengriffiedrachten,waarbijalleZijEn op deeene geheele reeks voor-ontbreekt, dat de voorgedr ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 580
ZITTING 1903—1904.578vanburgemeestersvannoemingburgemeesters,uitgevaardigd,gedaandieWatzijn.enenkelebenoemingende zaak van Harderwijkweten, wat ongeveer een jaar geleden, voorgedaan, da ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 583
Burgemeestersbenoemingen.581Watbetreft de benoeming van den burgemeester van Woudrichem, de geachte afgevaardigde het doen voorkomen, alsof wij hier teheeftdoen hadden met eene bekeering van de socialistische tot de anti-revolutionaire beginselen, onder den invl ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 581
Herbenoemingen van oude burgemeesters. men,verkeert alsbijde herbenoeming van reeds bejaarde burgemeesters,DeMinister dikwijls in een zeer moeilijk geval.circulaireligtdaarin,—periode—hijisdan ook we ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 582
ZITTING 1903—1904.580echter langzamerhand de toestand zoogewordenis,datmen vanlieverlededen regel moet gaan nemen personen, die geen middel van bestaan hebben en door het samenkoppelen van de betrekking van burgemeester met die van secretari ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 585
Burgemeesters. vanpersonen, die in dienst der gemeenteworden, die hun bijdepositie beheerschen,bedrijvenscheidsgerecht583zijn,regelen gesteld moetenen dat daarin, wat de werkliedenvoorgesteld wordt, de eindbeslissing van ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 584
ZITTING 1903—1904.582van dien overgang verdacht.oprechtheiddegevoeld,zelfmendatIk heb daarop voor mijhier hoogst voorzichtig moest zijn, en toen mijvan uit Wierden nogmaals gezegd werd, dat men ten sterkste op de benoemi ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 586
ZITTING 1903584— 1904.de heer Van Wichen, heeft gesproken weten aan den burgemeester van Marum, dat ik de houding, die hij had aangenomen in het bekende geval, n.1. Nu meent de geachte afgevaardigde, daaruit te niet kon goedkeuren. mogen afleiden, dat de indruk zou gevestigd ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 588
ZITTING 1903586— 1904.het door den heer Schaper medegedeeldeindien—volkomenjuist is,inderdaad eene leemte bestaat.—weersproken werkgevers geheel overeenstemt met het geval der werklieden, dan stem ik den geachten spreker gaarne ...