1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 61
DE ONTWIKKELING VAN EINSTEIN'S EPISTEMOLOGIE47de vier coördinaten de mogelijke waarden van plaats en tijd vertegenwoordigen, geeft zulk een betrekking tussen de coördinaten een verband tussen tijd en plaats aan. Zij stelt een bewegingsvergelijking voor, die men bij de berekening van ...
1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 62
48R. L. KRANStwee gezichtspunten : de uiterlijke bevestiging en de innerlijke volkomenheid. De uiterlijke bevestiging van de theorie wil zeggen : de theorie mag niet in strijd zijn met de ervaringsfeiten. Deze eis is wel vanzelfsprekend, maar hij is lang niet voldoende om tussen twe ...
1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 63
ÖE ONTWIKKELING VAN EINSTEIN'S EPISTEMOLOGIE49aan de physische realiteit! Zijn tegenwoordige uitingen verschillen sterk van die uit zijn positivistische tijdperk. „Natuurkundig werkzaam zijn" betekent thans voor hem : een pogen om het zijnde als iets begripsmatigs te omvatten, het z ...
1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 64
50R. L. KRANS1. er bestaat een realiteit buiten ons; 2. het is mogelijk de wereld van onze zintuigervaringen te begrijpen; 3. de physische concepties van de theorie zijn niet de werkelijkheid zelve, doch zij zijn bedoeld om met de werkelijkheid te corresponderen Van een theorie moet ...
1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 65
DE ONTWIKKELING VAN EINSTEIN'S EPISTEMOLOGIE51begrijpbaar is voor het verstand. Zonder deze religie is de wetenschap lam, terwijl religie zonder wetenschap blind is. Dergelijke uitingen wijzen op een verandering, die bij E i n s t e i n heeft plaatsgevonden, want in zijn autobiograp ...
1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 66
52DE ONTWIKKELING VAN EINSTEIN'S EPISTEMOLOGIE3.A. Einstein: Science and Religion, I, Adress at Princeton Theological Seminary, May 19, 1939. II, Science, Philosophy and Religion, New York 1941. Nrs 2 en 3 komen voor in de bundel Out of my later years, London 1950. A. Einstei ...
1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 67
SECTIE-VERSLAGEN53zijn aan de situatie op een tijdstip t = to, doch : elk tijdstip kan als to genomen worden en de constellatie van dat moment weerspiegelt dan het contingente. Men krijgt dat contingente de wereld niet uit door het tijdstip to steeds verder terug te leggen. (N.B. Wi ...
1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 68
54SECTIE-VERSLAGENzegd worden. De rest-loze mathematische beschrijfbaarheid van het physische, die basis was voor dat klassieke determinisme, is door deze nieuwere ontwikkeling gelogenstraft ^). Een „doorsnee" door het ruimte-tijd-continuum is een abstractie (te vergelijken met de s ...
1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 69
SECTIE-VERSLAGEN55Het onderzoek der laatste 15 jaar op het Zoologisch Station in Den Helder wijst echter in enigszins andere richting, ofschoon over de eigenlijke val van het kokkelbroed nog geen gegevens verkregen konden worden Allereerst wat de diepteverspreidmg der kokkels betref ...
1953 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 70
56SECTIE-VERSLAGENDat de kokkels speciaal in hun eerste jaar van concurrentie te lijden hebben, is niet zo zonder meer begrijpelijk. Het ligt in de bedoeling bij het verdere onderzoek hieraan speciale aandacht te wijden : hebben de jongste dieren voor een onbelemmerde groei misschie ...