Het heil in ons - pagina 121
UI spreekvorm dien men, zonder meer, niet bezigen mag, tenzij men het oog heeft op den toestand, waarin men bij het schrijven verkeert; en wordt bovendien boven allen twijfel verheven door de analogie des geloofs. Onder „analogie des geloofs" verstaat men dat de deelen der heilsopenbaring onderli ...
Het heil in ons - pagina 122
112Ennuvluchtige lezing, dat dit gulden tiental den eertijds ge vierden Petrus de Witte, niet gedrongen noch gewrongen, naar schier van woorde tot woorde, als bij maniere van afdruk, uit kapittel zeven aan de Eomeinen is overgenomen, hoe wil dan, zoo vragen we, zijn eigen ket ...
Het heil in ons - pagina 123
113wandelen zouden." Maar omdat hij teeder met zijn ziel en God en niet zich zei ven zoekt, vergaapt Paulus zich niet aan zijn goede werken en waakt hij er wel tegen dat die goede werken hem geen oorzaak van zelfverheffing worden. En daarom broedt hij niet over die goede daden, en behaagt ...
Het heil in ons - pagina 124
114 de onbekeerden niet tal van edele karakters en rechtschapen personen voorkomen, die veelszins voor de goddelijke Wet ijveren en juist de wetteloozen tegenstaan. En dan hebbe men al aanstonds onze onbewimpelde verzekering, dat we er van verre niet aan denken, om alle onbekeerden voor wettelooz ...
Het heil in ons - pagina 125
115 en verontschuldiging den zoen hernieuwen deed, waarin hij zonde leefde. Toen, Paulus weet het uit maar al te bittere ervaring, hield Sathan hem zoo jammerlijk verstrikt, dat hij niet slechts de zonde deed, maar ook zelf in die gedane zonde inzat, ze vasthield, en, zooal geen lof, er dan toch ...
Het heil in ons - pagina 126
1L6hembekentenis af te persen, dat iets van de oude smet nog aan en dus het beste nog verwerpelijk bleef, en ge zult eens zien hoe de onbekeerde, gekrenkt in zijn hooge gedachten, met handen en voeten gaat tegenstribbelen, en uw kwezelende, vervelende, onmanlijke vroomheid toedicht. ...
Het heil in ons - pagina 127
117 tusschenbekeerdenenonbekeerden,diebijzulk een ongeestelijkeSchriftuitlegging door de kieren speelt!Enmoest ook toegegeven dat de sterkgekleurdc betuigingen van gewichtig kapittel, met wat schikken en plooien en tusschen de regels ...
Het heil in ons - pagina 128
118Hoe wil er nu, zoo bidden we onze teg:ensprekers, in den hier bedoelden zin van een tweeërlei menscb bij mogelijkheid in den onwedergeborene sprake zijn? Immers, naar luid der openbaring ons over ons menschelijk wezen in de Schrift gegeven, is dat juist de diepte der zonde, dat de onwed ...
Het heil in ons - pagina 129
!119 dag;" gaat uit den kring der begenadigden de bede op door zijnen Geest versterkt te worden naar den inwendigen mensch," en belijdt het kind van God, te midden van zijn worstelen, dat hij nochtans „aan de wet des Heeren een behagen heeft, maar naar den inwendigen mensch." Ditzelfde nu ...
Het heil in ons - pagina 130
120 die eerste wet en hem telkens gevangen neemt onder die verfoeilijke, afschuwelijke wet der zonde, die gedurig nog heerschappij voert in zijn leden." Doorziet nu toch een iegelijk, dat zulk een zielstoestand dan eerst denkbaar, dan eerst mogelijk, dan eerst aannemelijk wordt, als de Heilige Ge ...