Het heil in ons - pagina 131
!121 aan ligt, dat deze oppervlakkige geesten er niets van merken als ze weer gevangen zitten, en daarom ook onmachtig zijn om steeds weer met nieuwe tongen lof en eer te geven aan dien levenden redder die daarin juist zijn macht verheerlijkt, dat hij telkens uit nieuwe nooden en nieuwe do ...
Het heil in ons - pagina 132
123 Bij wat we in de 9de plaats noemden: het danken voor de in Christus ontvangen verlossing, houden we ons zelfs geen oogenblik op; en onze bestrijders mogen zelven toezien, hoe ze den nog onwedergeboren mensch; voor verlossing, voor verlossing in Christus; voor verlossing in Christus danken lat ...
Het heil in ons - pagina 133
123 onweder^eborenedenInder tien bewijsmiddelen, die valteen zielsworsteling,als;datbleekdan wel overtuigend uit elk in den onwedergeborenewe aanvoerden;hier beschreven wordt, niet. uit den Geest geborene, met een in rec ...
Het heil in ons - pagina 134
!124Een pas bekeerde uitgeveinsdheid,leeft gemeenlijk eer boven zijn kracht. Niet juist maar uit overspanning. Omdat het hem nog zoo den gang en het spoor op dat nieuwe levensterreinvreemd is en hij nog niet kent. Wist dan ook een pas bekeerde, wat valleien der ...
Het heil in ons - pagina 135
125 geen enkele toon van berouw of verbrijzeling der ziele, of ook van een diep wegzinken in schaamte voor den heiligen God. Hier geen enkele kreet die om verzoening en ontzondiging naar het hyzop der genade uitgaat. Hier bovenal zweem noch spoor van een innerlijk verscheurd zijn door een gruwel, ...
Het heil in ons - pagina 136
126—en oordeelt dan zelven of er niet alleszins oorzaak is, om uitlegging van den onwedergeborene, ook die nieuwmodische van den „ingezonken Christen" voor altijd bij dit wonderbaar kapittel te laten varen? Och, de fout van al deze onhoudbare uitleggingen lei maar daaraan, dat men, ...
Het heil in ons - pagina 137
:127kunneneenige andere dan die van een gezalfde des voleinding, die zich zelven en den toestand zijner ziel alsnu bekennen leerde bij de klare en volkomen heldere glansen van den Heiligen Geest! zijnHeeren inMaar Teningelascht;zijn geestelijke ...
Het heil in ons - pagina 138
128 XIII.SPEEL NIET MET GODS WOORD. Genen menseheiser die niet zondigt. 1Kon.8:46.— —Maar zoo geven de Enthousiasten en hun aanhang ons dan ten zij het dan al, dat, naar luid van Eomeinen zeven, een bescheid heel dit leven door ons bl ...
Het heil in ons - pagina 139
;129 hierin weer den te kleinen eerbied verrieden, dien men bij deze lieden steeds kan waarnemen ten opzichte van GodsookóvergeestelijkeHeilige Schrift. Er is toch van hun beweren en voorgeven eenvoudig niets aan. Ja, zóó weinig aan, dat noch in het eene noch in het an ...
Het heil in ons - pagina 140
:130Devader roept wel uit: „Ik geloof, Heere!" maar hij voegt er bij mijne ongeloovigheid te hulp," en daarop wordt de genezing van den maanzieke volbracht, nüt door den vader, die geloofde, maar door Jezus, die hem het geloof had afgevorderd. d| Versterkt wordt dit nog door ...