Studentenalmanak 1906 - pagina 341
FARRAGO DE MOEDERHAND K ken een hand, zoo hemelsch teer, Als werd z' uit enkel licht geweven. Als bracht ze 't reine hemelleven Vol blijden glans aan 't menschdom weer. Wannee ...
Studentenalmanak 1906 - pagina 342
326 FARRAGO Dan gleed die hand langs 't vurig oog, De strijd had uit, en aard' en hemel Versmolten tot één lichtgewemel, Waar 't al in liefde zich bewoog. Ik weet niet, of ik vroeg of sp ...
Studentenalmanak 1906 - pagina 343
FARRAGO 327 IMPRESSIES K zal u zeggen, lezer, een groot, een onweer- sprekelijk axioma. Maar ik wil niet, dat ge er om lachen zult. »Een kind is e ...
Studentenalmanak 1906 - pagina 344
328 FARRAGOIk vind het zelfs zeer begrijpelijk.Begrijpelijk, omdat bij het kind het innerlijk leven nietduidelijk en belijnd naar buiten treedt, wijl het een tevluchtig karakter draagt.Het kind kent wilde heftige s ...
Studentenalmanak 1906 - pagina 345
FARRAGO 329Doordat nu de impressies in den tijd, dien we als kinderenleefden, van zoo kleinen duur zijn en zoo spoedig in elkanderovervloeien, daardoor vinden we er zoo weinig bewaard inhet reservoir van ons geheug ...
Studentenalmanak 1906 - pagina 346
330 FARRAGO de schroefbank, luisterend met nieuwsgierige kindergezichtjes. Want hij vertelt, en 't is ons een genot, naar zijn verhaaltjes te hooren. Als 't uit is, klaagt mijn broer, dat zijn hand hem pijn doet ...
Studentenalmanak 1906 - pagina 347
FARRAGO 331Een half uur later ben ik bij mijn grootouders, daar dedokter niet hebben wilde dat ik in ons eigen huis bleef.Toen wist ik het nog niet, doch later hoorde ik, wie dienavond zijn sprong gewaagd had. ...
Studentenalmanak 1906 - pagina 348
FARRAGOvragen, als hij zou neerliggen dood en koud en sprakeloos.Er was wanhoop in mijn kleine hart; maar tegelijk eenvast besluit, het besluit, dat ik tot hem zou gaan en datik hem zou vastgrijpen, en vragen: »vergee ...
Studentenalmanak 1906 - pagina 349
FARRAGO 333van mij afschuddend, treed ik voort. Doch eer ik kwamin de kamer, waar hij was in woeste croupbenauwdheid,staande stijf-rechtop in bed, de oogen getreden uit hunkassen, het ge/iicht verwrongen en vaalblauw, ...
Studentenalmanak 1906 - pagina 350
334 FARRAGOWant die daar lag was niet mijn lieve broer, maar ietsvreemds, iets niet-menschelijks, hij zelf was van mij wegvoor immer.Daar heb ik niet geweten met mijn verstand, doch be-grepen bij intuitie, dat niet d ...