Twaalftal leerredenen - pagina 11
GOD TENABIJeenrehetdanwat Hij houthet contrast toch te schreiend, en dan is den Heer ook van ons volk hoor zeggen, Jeremia van Israël klaagt: „de kinderen lezen hetsomsmijhijdevraaggeenkan:onze ...
Twaalftal leerredenen - pagina 12
12NABIJ GOD TE ZIJN.der menschheid van hun streven teweêropbloeingdewachtenWant!vergeet het nietden Christus der Schriften, zeHaarleidersterenvanoudendengemoedontvankelijk ...
Twaalftal leerredenen - pagina 13
13NABIJ GOD TE ZIJN.der maatschappij een somber morren, als het dof gedreun, dataan de beving der aarde voorafgaat,—o!denk datin, ...endan waar gaat ge toch heen o, menschheid ? zijn de gruwelen, waarvan Ierland's patriotten on ...
Twaalftal leerredenen - pagina 14
14NABIJ GOD TE ZIJN.hunnevan sterk verlangen",zielwijlde tegenwoordigheid desHeeren boven- de arke tusschen Cherub's zweefde. Dat is het wat de Psalmist in woorden uitsprak, als hij den Heer „zijn burcht en zijn rotsteen noemde, zijn toevlucht en z ...
Twaalftal leerredenen - pagina 15
NABIJ GOD TE ZIJN.dichtvannietverstrooienomde nabijheid langs—uwvanuwterugtrekt in dieHoe meer gejaden levensbodem der onzichtbare wereld,alsware het udie,gespreid in ...
Twaalftal leerredenen - pagina 16
NABIJ GOD TE ZIJN.16armonsdathart,en koud, zookilO datzóó!Godnabijen versteendte zijn,iszóó dichtgeworden.den Heerbijleven,tehet wat zelfs de b ...
Twaalftal leerredenen - pagina 17
NABIJ GOD TE ZIJN.voegen uweralterugdeinzen,onreinemoetuwkrankheid.datdurven wemaarzenden,teEndatis—niet,—naderen willen,uw misvormd hetgelaat, niet ...
Twaalftal leerredenen - pagina 18
NABIJ GOD TE ZIJN.ISvoorbeeldtochulevenisomhetden Christus, durft genabijwaar? al was het slechts om den zoom mogen aanraken, en immers nabij Hem wezen,nietZijns kleeds tedatHem, ...
Twaalftal leerredenen - pagina 19
NABIJ GOD TE ZIJN.voelbaarmaken, de beide bewegingen des levens wel geheelteEn nueen trekken moet.uit19zettende tegenstelling ietsmenschheiden dus haarleeftdan.van die ont-Gel., diegije ...
Twaalftal leerredenen - pagina 20
— 20NABIJ GOD TE ZIJN.afwooglijdengeenendruppelgezien hebt ge 'tHemdatweent op,met uzelfge—Zijneinzondigenuwwant vanuHij—o,Ja ...