Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 240
Afd.132quaenamHfst. III. § 80.2.homineigitur erit infacultasWERENFELS. quaeid possit?criteria divinitatis in Scriptura percipit,aliudnumquid numquidcipiendi?judicandialiud deeorum ...
Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 242
Afd.234vreemd.Keitelijk levertvoordenSAMUEL MURSINNA.Hfst. III. § Si.oppervlakkigezeer die2.ook Mursinnainleidinganders dan een korte,nietsde onderscheideneinGodgeleerde van ...
Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 254
Afd.246arrogantiamHfst. III. § 83. CLARISSE.2.parcoerceriPhilosophiae studio etpraequi,est,amore, Divinae Patefactionis reverentiam omittunt"„neminemook anderzijds: pretiummaar140);(p. ...
Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 255
Afd.Hfst. III. § 83. CLARISSE.2.247fidem nos et obedientiam plane obstringit", doch deze auctoritas zelve op philosophische redeneering laat rusten.hac auctoritateS. Scripturae)(se.„Undephilosophari nolis,sivero, de ita ...
Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 256
Afd.!482.Hfst. III. § 83. CLARISSE.overeenkomstig, in zeer breede apologetiek steun gezocht tegende altoos nieuwe bedenkingen, die de recta ratiowerpenin teEn(p.zoo komt Clarisse dan tot de H. Schrift inom nu weer ...
Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 257
Afd.Hfst. III. § 83. CLARISSE.2.en de Theologia moralis. Toch deinsthijden naam van „Theologiaterug,p/iilosop/ia"zelf249min of meer voorimmers „verendumne dictionis ambiguitas erroris ansam, aut pravae suspicioess ...
Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 243
Afd.2.SAMUEL MÜRSINNA.Hfst. III. § 8l.zijngeheele ruimte in beslag neemt. DaarnadehistoriciChronologie, Numismatiek enz.VIII de Ars oratoria de Historiadoorhem inomvormt,XItotde Theolog ...
Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 258
Afd.52.Hfst. III. § 83.CLARISSE.ex divina voluntate, Euangelio revelata, agenda et praestanda incumbunt; etsi cum thcoretica sive de iis, quae cognoscenda sunttiano,amplectanda, tam intime conjungitur, ut nullofideeteain ...
Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 244
Afd.236Hfst. III.2..zake bood. „Si verum dicendummultaque cautione opussistimus.quae valde sunt incertaNonlicet.zinsnede vormtmet een caput: dedie hij inleidtinsub-utramque partem dispu ...
Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 259
Afd.Hfst. III._\§84. CALIXTUS.251maakt den indruk van geschreven te zijn door een deftig polyhistor, die de kerkelijke vormen nog zooveel doenlijk eerbiedigt,maarwezen der zaakin hetde breuke dieliefst niet tediep indrin ...