1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 167
GELOOF EN WETENSCHAP ORGAAN VAN DE CHRISTELIJKE VERENIGING VAN NATUUR- EN GENEESKUNDIGEN IN NEDERLAND „Geloof en Wetenschap" is een uitgave van de Christelijke Vereniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland onder redactie van : prof. dr. G. A. LINDEBOOM, Amsterdam, voorzitter, prof. dr. H. ...
1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 168
BOERHAAVE ALS CHRISTEN door G. A. LINDEBOOM Inleiding Herman Boerhaave (1668—1738) is zeker Nederlands beroemdste geneesheer geweest. Hij was een Christen; dat wordt door niemand ontkend. Maar het is toch wellicht niet zonder zin een antwoord te zoeken op de vraag, in hoeverre zijn Christen-zijn ...
1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 169
138G. A. LINDEBOOMBij alle critiek op Schultens hoogdravende rede, die de grote medicohistoricus Daremberg 5) noemt „fatiguante par un enthousiasme convulsif et haletant", bevat zij toch maar een schat van gegevens en blijft zij de voornaamste bron voor de kennis van Booerhaave's le ...
1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 170
BOERHAAVE ALS CHRISTEN139worden uitgeleit, en dat nogtans een ieder de Godebetaamlykheid, uit de bepalingen van zyn overnatuurkunde opgaf. Afkeerig verfoeide Hy daarom, dat de Party toen ten tyde d' overhand hebbende, het voorschrift, en het rigtsnoer der Rechtzinnigheid, eenig rege ...
1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 171
140G. A. LINDEBOOMMen verdacht hem van Spinozistische „ongodisterij". Voor zulk een verdachtmaking is echter in zijn geschriften geen enkele aanleiding te vinden. Veeleer had hij in zijn, op 21 december 1690 verdedigd theologisch proefschrift: „Disputatio philosophica inauguralis de ...
1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 172
BOERHAAVE ALS CHRISTEN141als een kunstlicht. De roemrijke arts staat in de XVIIIe eeuw als een groot getuige der ziel" n ) . De man van medische wetenschap Men kan, naar het mij voorkomt, niet zeggen, dat Boerhaave een machtige poging heeft gedaan zijn medisch-wetenschappelijke geda ...
1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 173
142G. A. LINDEBOOMer van overtuigd, dat liet verband tussen lichamelijke en psychische processen onvindbaar is, en berust op een harmonia praestabilita, die overigens niet als verklaring kan gelden. Maar zo moest het lichamelijke toch wel in grote mate op zich zelf worden beschouwd, ...
1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 174
BOERHAAVE ALS CHRISTEN143Intussen is uit een en ander wel duidelijk, dat Boerhaave, al heeft hij ook in zijn denken de grote waarheden van het Christendom aangenomen en zich bij voorbeeld herhaaldelijk openlijk tegen Spinoza en zijn leer verzet, toch niet als een groot Christen-denk ...
1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 175
144G. A. LINDEBOOMVast stelde Hi/, dat deze alleen d' opperste Wet van alles was, met rijp heraaile standvastigheid op d' altervolmaakste loipe t' cerhiedcn. Van andoren, en zich zelven, gevoelde Hy zo: dat zo dikwijls Hy misdadigen ter dood veroordeeld- hoorde, Uij altoos dacht, ve ...
1957 Geloof en Wetenschap : Orgaan van de Christelijke vereeniging van natuur- en geneeskundigen in Nederland - pagina 176
BOERHAAVE ALS CHRISTEN145houding, die hij aannam bij Andala's, reeds genoemde, bijzonder felle, persoonlijke aanval. Zo schijnt hij ook door aanvallen, die van Engelse zijde, op zijn scheikundig werk (de „Elementa Chemiae", 1730) werden gericht, in het geheel niet vertoornd te zijn ...