Honig uit den rotssteen - pagina 117
103 en dat er voor de geloovigen een verrijking met hemelscliniets hebben,Want dood nnchteren zou dan de Bijbelkenner umannais!"zoekenevenzegt:„Enhetvoorafgaandezullenzetoevloeien13de totvers ...
Honig uit den rotssteen - pagina 119
!105 maclit over menschen, alles, alles van ii zelf afzet, en een dief ziet, die lansïe jaren dat filles aan uw God hadl ontstolen, en nu, na als dief ontdekt te zijn, het u niet ziet afnemen, mfuir het u als (Todsi2;esehenk bevestigd ziet, o, pelgrim op den weg naar boven, hoe is uw beker ...
Honig uit den rotssteen - pagina 118
104 perste tnsschen den onmo2;eliiken cisoK van uw Gorl en het, rl\vin2:enrle leven. De verle2;enheid, die u het leven der wereld wel we<i; deed wenschen, om voor het Evangelie Gods plaats te winnen. Dan omarmtgemenschelijke leven, in plaats van het verachtelijk met den van- u te ...
Honig uit den rotssteen - pagina 120
106Er is van Zedekin, den koning der ballingschap, sprake; die naar Babel in ketenen siiug; en in Babel gevangen bleef; maar in eere; op het. praalbed te Babyion stierf, en onder de hulde van volk en koning werd uitgedragen naar een vorstelijk graf. En van dien Zedekia, een Pavidskind, een ...
Honig uit den rotssteen - pagina 121
107 gedurig en aldoor bezoeken. Dat deed eu doet Hij ook l)ij u. vraag weer niet, of gij het ;iltijd, of gij het ooit gemerkt hebt. Dat doet er niet toe. De Herder Israëls is een opzoekend (Jod, die eiken dag aanklopt, en in elk ernstig levensoogenblik op u toeschiet, en bij u is als gij bedroefd ...
Honig uit den rotssteen - pagina 122
; :.na108en dan eerst vindt dat „bezoeken van en zijn eiudbesluit, als ook gij meegaat met Hem, naar dat Huis daarboven, Maar alle „bezoeken" van uw God wegvalt in een eeuwig samenzijn en samenleven. Niet Hij meer bij u vernachtend, maar gij ingekeerd bij Hem. Geest ...
Honig uit den rotssteen - pagina 123
;109en dat menschclijke, dat hoogere, dut rijkere en reinere, dat heiligere en verhevenere mi, dat (rod de Heere van een mensc/i wil hebben, dat ligt niet in zijn hand, noch ook in de voeten waarmee hij loopt, en evenmin iu eenig ander lichaamsdeel, maar iiitsliiiteud in „zijn aange ...
Honig uit den rotssteen - pagina 124
!110 weet:GodZie,daarinniet wijken;boog ik datblijftnuniet ;daarin zal ik voor dien Heerevoor mij!de meesten is het nog veel erger. Bij de meesten is heel het nog opstandig en muitend tegen aller koningen H ...
Honig uit den rotssteen - pagina 125
!:111En daarom, als een zondaar nu bekeerd is, dan is de wervel in hem losgemaakt, zoodat zijn hoofd nu om kan gedraaid, en Gode van den nek het aangezicht kan toegekeerd. Vroeger kon Toen was die wervel stijf en zat onwrikbaar. Maar nu is hij bekeerd. Dus nu kan het. Maar om ...
Honig uit den rotssteen - pagina 126
113 aan clea gevel. Het kan wel zijn, dat ik levenslang maar met een bord op mijn borst of rug langs de straat heb te loopen, waarop iets staat dat anderen lezen moeten. Een zakjesplakker in een magazijn is heel min, en toch ook de jongen die dat doet, is onmisbaar. Vergelijk diis nooit. Zie op u ...