1913-1914 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 66
58 levensverschijnselen aan eiwit onafscheidbaar gebonden denken. Over deze grondstelling bestaat eensgezindheid. Niet echter over de daar onmiddellijk zich aan vastknoopende vraag, of de levensverschijnselen slechts de uitdrukking zijn van de in eiwit, gelijk in de levenlooze natuur werkende gew ...
1913-1914 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 67
59 alleen de scholastiek staat hierin apart en hooger" (Il 31 noot 2). Zoo is duidelijk dat de Heer B. aan het woord „vitalisme" een andere beteekenis hecht dan gewoonlijk gedaan wordt en ook door ons gedaan is; meer in den zin van „animisme" „psycho-vitalisme". Dat de Heer BUYTENDIJK het vitalis ...
1913-1914 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 68
60Stellen we nu daartegenover wat de Heer B. hierover ten beste geeft: „Een doel in het orgaan voor het orgaan herkenden wij nergens" (I 18). „De aanpassing laat zich in sommige gevallen, en zou vermoedelijk in alle gevallen, mechanisch kunnen verklaard worden uit de physico-chemische eige ...
1913-1914 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 69
61 teriëelen factor niet wil weten en dan alles aan één doelzettende Intelligentie toeschrijft. Op de vraag: houdt de Heer BUYTENDIJK de doelmatigheid in of buiten de dingen, is geen enkelvoudig antwoord te geven, daar de beweringen hierover tegenstrijdig zijn. Dit nu staat niet op zich zelf, maa ...
1913-1914 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 70
62Zijn nu de eigenschappen volgens den Heer BUYTENDIJK weinige gelijk of onnoemlijk groot? Ziedaar weder een vraag, die ik niet vermag te beantwoorden. Dergelijke tegenstrijdigheden zijn op te merken, als de Heer B. het heeft over organen en organismen. Als kenmerkend verschil wordt opgege ...
1913-1914 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 71
63zooals LALANDE gedaan heeft, moet tot dezelfde slotsom komen, ,,overal heb ik gezocht, maar God niet gevonden." Kunnen materialist en mechanist zich dus niet vereenigen met de theorie van den Heer BUYTENDIJK, ook van Christelijke zijde zal deze theorie geen steun vinden; niet alleen om h ...
1913-1914 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 72
64Wel schrijft de Heer B.: „Het is dan ook wel duidelijk, dat de opvatting, dat alle werking direct door Gods kracht geschiedt, volstrekt niet een pantheïstische meening is, daar de scheiding van Schepper en schepsel juist voorop dient te worden gesteld" (II 22). Doch dat dit laatste niet ...
1913-1914 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 73
65 3. Over de verhouding van individualiteit en structuur. De Heer B. „in geen geval de individualiteit toeschrijvende aan een intern principe" (II 32) schrijft alle actie toe aan God. Zelfs waar een stoornis optreedt in het ontwikkelingsproces, ziet de Heer B. „ook hier weer een aanduiding voor ...
1913-1914 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 74
66De voorkeur geef ik echter te eindigen met een korte uiteenzetting van het teleologisch denken ten opzichte van een organisme van zeer bijzonderen aard, n.l. de bij, in navolging van een studie van F. GEISTUNG te Oftmannstedt; temeer omdat hierbij ter sprake komt de beteekenis van het in ...
1913-1914 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 75
67 aan te brengen, ten bewijze dat aan eenig dier intellect is toe te kennen in de eigenlijke beteekenis van het woord. Bij het dier gaat alles buiten „het bewust begrijpen en verwerken van het doel" om. Het ontstaan zoowel als het tegronde gaan der mannetjes hangt geheel af van de physiologische ...