Honig uit den rotssteen - pagina 126
122LY.^ï^ ecu öïoem öc^Ucïti^*Alle vleesch is gras en al zijne goedertierenheid als een bloeme des velds het gras verdort, de bloem valt af, maar het Woord des Heer en blijft in der eeuwigheid. 6—8. Jes. 40—;:Elk jaar dat weer wegsterft trek ...
Honig uit den rotssteen - pagina 128
124uw gemoedsleven, het ideale van uw persoon! Want, niet waar, zoo van iets, dan zoudt ge daarvan ten minste nog kunnen hopen, nog durven denken: „Dat zal wel eeuwig zijn; dat wel blijven; dat wel met mij gaan!" Maar hoor nu, neen, ook die laatste riethalm buigt, ook dat laatste aller ste ...
Honig uit den rotssteen - pagina 129
125 der aarde waar ook menscLen leven, zonder einde gestreden wordt tegen den levenden Grod! Of is Satan dan niet oneindig machtiger en geweldiger en dreigender dan de machtigste Emir, en zijn zijn slagen en raadslagen dan voor het pit en de kern van ons menschelijk wezen en leven niet onvergelij ...
Honig uit den rotssteen - pagina 130
126Vrede dan, .... als we den goeden strijd ten einde toe gestreden hebben Vrede op den bodem van het hart .... als het geloof er vriendelijk kiemen mag! Vrede, in hem, die onze Vrede is, niet gelijkerwys de wereld dienmaargeeft,engelenugelijk hijd ...
Honig uit den rotssteen - pagina 132
128mocht afscliiften en de glans van het gelouterd erts mocht blinken en mocht schitteren tot Grods eer. En nu ik weet wel: dat geheel en ganschelijk afvallen van den aardklomp, die in het erts vermengd zit, komt eerst, als het sterven komt en er van al wat ongoddelijk is noch tak noch wor ...
Honig uit den rotssteen - pagina 131
127kon neerdalen, zonder aan al dien strijd die er reeds was, nog den lieftigsten strijd toe te voegen: den strijd met zulk een wereld èn zulk een hart én zulk een halfheid voor de eere van zijn heiligen naam. nietLVII. i|ct zU\}tt ïoutcrentic*Enhijzal zitten, l ...
Honig uit den rotssteen - pagina 134
130 ook in het aardsche en maatsctiappelijke leven, ook in het tiijdelyke, waarover het bestuur zijner Voorzienigheid gaat, naar vaste bepaling een bepaling waarin de rythmus van het eigen goddelijk leven te beluisteren 'sis;menschenzielde daglooner ruste van zijn arbe ...
Honig uit den rotssteen - pagina 136
132 weerkaatst, dat het rechtstreeks vat heeft en hebhen moet op onzen eigen persoon, op ons leven, op ons zelf! "Wat zijn ze schoon die wolken, niet waar, en wat kunnen ze prachtig drijven daar aan het firmament, nu eens doorlicht met zonneglans, bestrooid met goud en omzilverd aan de randen, en ...
Honig uit den rotssteen - pagina 137
133En wat moet danditnu?nu wezenlijkniets dan een willoos her- en derwaarts u inkrimpen en dan weer u uitbreiden, een nu glanzen en dan weer verdonkeren, zooals de wolken het aan den hemel doen? Speelt Grod dan ook met u in uw ommegangen, zooals Hij er lust aan ...
Honig uit den rotssteen - pagina 135
131 en de volheid ligt dus eerst in de samenvatting dezer drie uitgesproken de Sabbat op dit aardsche leven rusten moet als de heilige schaduw van den drievuldigen, drieëenigen God. En derhalve, rufite Meden moet van het jagen der wereld ! Dat het eerste, om met goed recht van Godswege die wereld ...