Heils termen - pagina 144
134 eerst voor de kern der ziel, dan voor ons in volle werkelijkheid. Men hoore slechts, hoe Pauliis juicht: g-erechtvaardigd door het geloof, hebben wij vrede bij God en staan in de genade en roemen in de hope der heerlijkheid. Tot die genade hebben we de toeleiding door het geloof (hetHe ...
Heils termen - pagina 145
135 meesten geldtnogverlengd.dit niet.ZeDer meesten leven wordt na hun wedergeboorte dns ook nog in déze wereld, ze leven nogstaanhet lichaam der zonde, in het bewustzijn der zonde eerst zelfs onderdrukt die gedachtenwereld der zonde de gedachtenwe ...
Heils termen - pagina 147
137 datuitWelnu,hetverderfopkan halen, wat onder dat verderf wegzonk.we hebben eenEvangelie, waarin die verhoogde glans der Liefde ons tegenstraalt; we hebben een Openbaring Gods, waarin ons aanbiddend oog een zichzelf-overtreffen van Gods L ...
Heils termen - pagina 146
136 de bewerking zijns Gods. Hij weet dat „de moeite die Hij den Heere met zijn ziel maakt" vooral aan de ure der kastijding verbonden is. ^iet slechts dat hij een God kent „die niet van harte slaat," maar hij weet het, dat „slaan" is niet maar een tuchtiging voor hem, maar minstens evenzeer een ...
Heils termen - pagina 149
139 toch weet dat eer die afgrond zich voor eeuwig sluiten zou, dan dat hij hem ontvangen zou als zijn prooi. Nu eerst wordt het leven, wordt het werkelijkheid voor hem dat bidden, waar een verbrijzelde ziel in uitvloeit, dat smeeken, waar een verslagen hart zich in uitgiet, dat zich klemmen met ...
Heils termen - pagina 148
138 ferming in den dood van zijn hart wist te brengen, dan spreekt het van zelf, dat slechts het geperst worden in den nood des aardschen levens de stemming geeft, die voor dit Mysterie de oogen kan openen, de ziel voor die gedachte der eeuwige Liefde ontsluiten en in heilige bezieling voor de ge ...
Heils termen - pagina 150
140 XII.WIE WERKT DE HEIIilGING? Ik ben de Heere, die hen heilige. Lev. XXII 9. De God des Vredes zelf heilige u geheel en al. 1 Thess. V 23. ::wordt ons inzicht in het feit der „heiliging" eerst dan, aan de hand van Gods Woord het antwoord op de vraag is gevonden: wie is het ...
Heils termen - pagina 151
141 ons bespeuren, die elk in hun levenskring handelen, arbeiden en een werking van zich laten uitgaan. Bij juister kennis der natuur, bespeuren we zelfs, dat deze werking niet eens tot de dieren- en menschenwereld beperkt is, maar dat ook het water, ook de gistende krachten der natuur een werkin ...
Heils termen - pagina 152
142 onder den Christus te toonen, voorzeker, dan komt ook mijn ziel ten leste toe, om het „God alles" met kinderlijken eerbied te stamelen, maar voor een zinledigen besrripsvorm heb ik dan een persende volheid waarin het eindeloos vele zich verdringt.' Dit moest hier vooral met kracht op den voor ...
Heils termen - pagina 153
143 hiermee voor de oplossing van het vraagstuk nog volgewonnen, daar niemand aan de Schrift een tittel of jota mag afdoen, veel min er dus die enkele plaatsen uit mag wegdenken, waarin de eisch tot „heiliging" onmiddellijk uitgaat tot den mensch. Het weeropvatten der historische lijn is ook hier ...